Wim Lankamp zit het "Palestina Komitee Nederland" voor en ijvert voor de ondergang van Israël. Eén van Lankamps laatste wapenfeiten is de campagne "Koop geen Israëlische Apartheid" die nog tot 31 december 2009 liep. Net zoals in België door bijvoorbeeld de "Actiegroep Boycot Israël", is het doel voor Lankamp en consorten het economisch op de knieën dwingen van Israël, in hun ogen een heuse schurkenstaat en het enige obstakel voor vrede in de regio. Normaal zou ik aan de absurditeit van dit soort acties geen enkele seconde tijd willen spenderen, maar "Joods Actueel" reikte ons deze maand het allerbeste argument aan om Wim Lankamp en zijn horde Palestijnenknuffelende vriendjes weg te lachen.
Onderstaande brief werd door een bezorgde Vlaming naar Wim Lankamp gestuurd en ook afgedrukt in het jongste nummer van "Joods Actueel". Eén enkele brief met feiten zegt genoeg.


In 1939 kozen de Nazi's deze foto als cover voor hun scholierenmagazine "Hilf Mit!" als ode aan de puurheid van het Germaanse ras. We zien een gelukkig "Arisch" gezin kerstmis vieren en door een raam naar de winter buiten kijken. In 2009 plaatste "Joods Actueel" een soortgelijke foto op de cover van het decembernummer. We zien een gelukkig joods gezin chanoeka vieren en naar de winter buiten kijken. Waarschijnlijk zonder het zelf te weten, incarneert deze cover dus de ultieme triomf van het joodse volk over de gruweldaden van het Nazisme. 70 jaar later zijn de Nazi's niet meer en wordt hun nalatenschap overal uitgespuwd, maar het joodse volk viert nog steeds chanoeka zoals het al duizenden jaren lang doet, en daar heeft een Holocaust, hoe gruwelijk ook, niets aan kunnen veranderen. Gelukkig maar. Ik vond de bovenstaande cover in december 2009 trouwens per toeval in het - zéér pakkende - NS-museum in Keulen.

De inzittenden van deze Audi waagden het klaarblijkelijk om 's avonds in een ondergrondse parkeergarage in het centrum van Antwerpen een exemplaar van "Joods Actueel" open en bloot op het dashboard te laten liggen. De barst in de voorruit toont het ogenschijnlijke trieste gevolg van zulk een fout... Of hebben we weer lange tenen in jullie ogen door dit blatante antisemitisme in ons eigen land aan te kaarten? ... Zucht...
De internationale gemeenschap blijft anders ook maar volhouden dat het Israëlische optreden in en rond de Gazastrook de voedselbevoorrading van de Palestijnse gebieden in het gedrang gebracht heeft en dat de brave Palestijnen in Gaza honger lijden door toedoen van satanbuur Israël, de enige echte schurkenstaat in het Midden-Oosten. De VN zwijgen wel graag over waarom haar "scholen" als wapenopslagplaatsen gebruikt worden, waarom haar ambulances maar al te vaak als transportmiddelen voor terroristen van Hamas dienen, waarom haar beelden geregeld met Photoshop bewerkt worden om de duivel Israël er nog slechter te doen uitkomen en waarom haar hulpgoederen steevast aangewend worden om Katoesja-raketten te fabriceren om Zuid-Israël te bestoken.
De internationale gemeenschap wordt er ook niet graag aan herinnerd dat het net de Egyptische grensblokkade aan de Sinaï is die de handel tussen de Gazastrook en de buitenwereld bemoeilijkt of dat de talrijke ziekenhuizen van Ashkelon en Sderot vol liggen met gewonde joodse kinderen. Dit gezegd zijnde, laat ons hier wel duidelijk zijn. Niemand verdient het natuurlijk om honger te moeten lijden in deze tijd van ongeziene welvaart en massale voedseloverschotten. Maar net daar blijkt nu net het schoentje te wringen. De Verenigde Naties liegen immers voortdurend over de situatie in Gaza en in het hongersnoodverhaal is dat natuurlijk niet anders. Het was uiteindelijk de lokale Engelstalige moslimkrant "Palestine Today" die het nieuws voor ons brak en onlangs uitpakte met een serie foto's waarop overvolle Palestijnse markten in Gaza te zien zijn. Beelden zeggen nog altijd meer dan 1,000 woorden.





Deze vijf foto's schetsen mooi de échte situatie in de Gazastrook en aangezien het hier om een Palestijnse bron gaat, zullen toch ook de meest uitgesproken Palestijnenknuffelaars en de grootste Israëlhaters hun ongelijk moeten toegeven. Jullie kunnen trouwens nog tientallen extra foto's uit Gaza op de website van "Palestine Today" terugvinden.
Onderdelen van deze tekst verschenen ook elders op het Internet.
Meer over het antisemitisme in Vlaanderen op www.joodsactueel.be.
Onderstaande brief werd door een bezorgde Vlaming naar Wim Lankamp gestuurd en ook afgedrukt in het jongste nummer van "Joods Actueel". Eén enkele brief met feiten zegt genoeg.
Geachte heer Lankamp,
Naar aanleiding van uw actie “Koop geen Israëlische Apartheid” waarin u oproept tot een boycot van Israëlische producten dit:
Allereerst verzoek ik u zo snel mogelijk uw website offline te halen. Deze draait op een besturingssysteem dat grotendeels in Israël is ontwikkeld. Bovendien worden de chips in de processors van de servers van uw hostingprovider, Provalue, geproduceerd en ontwikkeld in Israëlische fabrieken nabij Netanya.
Hopelijk kent u niemand met multiple sclerose, want het medicijn Copaxone, dat al duizenden mensen wereldwijd heeft geholpen tegen deze verschrikkelijke ziekte, is door het Weizmann Instituut in Israel ontwikkeld en dient dus geboycot te worden. Ook het alternatief Rebif, dient nooit gebruikt te worden daar ook dit een product van hetzelfde instituut is.
Verder hoop ik dat u niemand kent met beenmergkanker, immers het medicijn, Velcade, dat deze kankervorm effectief bestrijdt en inmiddels 100den mensen in de hele wereld weer hoop en toekomst geeft, is ontwikkeld in het Technion te Haifa, Israël, en dient daarom dus geboycot te worden.
Hopelijk slaat bij u of uw dierbaren nooit Alzheimer of dementie toe. Het enige effectieve medicijn tegen Alzheimer, Exelon, is ontwikkeld door wetenschappers van de Hebreeuwse Universiteit. Daarom dient dit medicijn geboycot te worden.
U bent er waarschijnlijk voorstander van dat miljoenen Afrikanen blind blijven of worden. De blindheid wordt verspreid door malaria muggen en zwarte vliegen. Het biologische middel dat de muggen en vliegen bestrijdt die deze verschrikkelijke ziekte veroorzaakt, is ontwikkeld door een wetenschapper aan de Ben Gurion Universiteit te Israël.
Aangezien u voor de boycot van Israëlische producten bent, bent u ook voorstander voor de boycot van al deze producten die miljoenen mensen aan een menswaardiger bestaan hielpen. Hopelijk slaapt u vannacht goed, in de wetenschap dat, mocht uw droom uitkomen, al deze mensen achter het net vissen.
Slaap lekker en sjalom.
(Naam van de briefschrijver is bekend bij de redactie)
In 1939 kozen de Nazi's deze foto als cover voor hun scholierenmagazine "Hilf Mit!" als ode aan de puurheid van het Germaanse ras. We zien een gelukkig "Arisch" gezin kerstmis vieren en door een raam naar de winter buiten kijken. In 2009 plaatste "Joods Actueel" een soortgelijke foto op de cover van het decembernummer. We zien een gelukkig joods gezin chanoeka vieren en naar de winter buiten kijken. Waarschijnlijk zonder het zelf te weten, incarneert deze cover dus de ultieme triomf van het joodse volk over de gruweldaden van het Nazisme. 70 jaar later zijn de Nazi's niet meer en wordt hun nalatenschap overal uitgespuwd, maar het joodse volk viert nog steeds chanoeka zoals het al duizenden jaren lang doet, en daar heeft een Holocaust, hoe gruwelijk ook, niets aan kunnen veranderen. Gelukkig maar. Ik vond de bovenstaande cover in december 2009 trouwens per toeval in het - zéér pakkende - NS-museum in Keulen.
De inzittenden van deze Audi waagden het klaarblijkelijk om 's avonds in een ondergrondse parkeergarage in het centrum van Antwerpen een exemplaar van "Joods Actueel" open en bloot op het dashboard te laten liggen. De barst in de voorruit toont het ogenschijnlijke trieste gevolg van zulk een fout... Of hebben we weer lange tenen in jullie ogen door dit blatante antisemitisme in ons eigen land aan te kaarten? ... Zucht...
De internationale gemeenschap blijft anders ook maar volhouden dat het Israëlische optreden in en rond de Gazastrook de voedselbevoorrading van de Palestijnse gebieden in het gedrang gebracht heeft en dat de brave Palestijnen in Gaza honger lijden door toedoen van satanbuur Israël, de enige echte schurkenstaat in het Midden-Oosten. De VN zwijgen wel graag over waarom haar "scholen" als wapenopslagplaatsen gebruikt worden, waarom haar ambulances maar al te vaak als transportmiddelen voor terroristen van Hamas dienen, waarom haar beelden geregeld met Photoshop bewerkt worden om de duivel Israël er nog slechter te doen uitkomen en waarom haar hulpgoederen steevast aangewend worden om Katoesja-raketten te fabriceren om Zuid-Israël te bestoken.
De internationale gemeenschap wordt er ook niet graag aan herinnerd dat het net de Egyptische grensblokkade aan de Sinaï is die de handel tussen de Gazastrook en de buitenwereld bemoeilijkt of dat de talrijke ziekenhuizen van Ashkelon en Sderot vol liggen met gewonde joodse kinderen. Dit gezegd zijnde, laat ons hier wel duidelijk zijn. Niemand verdient het natuurlijk om honger te moeten lijden in deze tijd van ongeziene welvaart en massale voedseloverschotten. Maar net daar blijkt nu net het schoentje te wringen. De Verenigde Naties liegen immers voortdurend over de situatie in Gaza en in het hongersnoodverhaal is dat natuurlijk niet anders. Het was uiteindelijk de lokale Engelstalige moslimkrant "Palestine Today" die het nieuws voor ons brak en onlangs uitpakte met een serie foto's waarop overvolle Palestijnse markten in Gaza te zien zijn. Beelden zeggen nog altijd meer dan 1,000 woorden.





Deze vijf foto's schetsen mooi de échte situatie in de Gazastrook en aangezien het hier om een Palestijnse bron gaat, zullen toch ook de meest uitgesproken Palestijnenknuffelaars en de grootste Israëlhaters hun ongelijk moeten toegeven. Jullie kunnen trouwens nog tientallen extra foto's uit Gaza op de website van "Palestine Today" terugvinden.
Onderdelen van deze tekst verschenen ook elders op het Internet.
Meer over het antisemitisme in Vlaanderen op www.joodsactueel.be.
Met verbazing namen we kennis van de voorstellen van PS-voorzitter Elio Di Rupo om prijscontroles te gaan invoeren voor "essentiële producten". Wij betwijfelen niet dat dit voorstel ingegeven is door goede bedoelingen, met name een bekommernis voor de armen in onze samenleving. Ook wij, als liberale studenten, zijn immers bezorgd om de koopkracht van elkeen in deze tijden van economische terugval en massawerkloosheid. Maar wij willen er evenwel op wijzen dat het invoeren van prijscontroles een totaal fout antwoord is op dit probleem. Dergelijke ingrepen zullen onbedoelde gevolgen met zich meebrengen die nadelig zijn, faliekant zelfs, voor onze economie en voor net diegenen die Elio Di Rupo met deze maatregel denkt te willen beschermen. Sommige politici denken dat ze met wetten elk aspect van de wereld kunnen verbeteren. Maar wetten hebben hun grenzen. De zwaartekracht kan niet veranderd of afgeschaft worden door een wet en hetzelfde geldt voor economische wetmatigheden. Als men dit probleem wilt oplossen moet men het eerst leren begrijpen. Een persbericht.
Prijzen zijn geen willekeurige getallen of het gevolg van de "hebzucht" van ondernemers. Zij vormen het resultaat van de vraag naar en het aanbod aan bepaalde goederen en diensten. De prijs van een goed is het evenwicht tussen wat de aanbieder wilt krijgen en wat de consument daarvoor wilt betalen. Prijscontroles verstoren dit evenwicht en leggen een onredelijke prijs op aan de aanbieders van de geviseerde goederen. De reactie van de aanbieders zal zijn om minder goederen te voorzien, ze krijgen er immers niet langer de verhoopte prijs voor terwijl hun productiekosten dezelfde zijn gebleven. Zij zullen zich toeleggen op de productie van andere, eventueel gelijkaardige, producten waarvan de prijs niet door de overheid wordt vastgelegd. Of erger nog: zij zullen gedwongen worden om de productie te stoppen met faillissementen en ontslagen tot gevolg. Het resultaat van deze goedbedoelde maatregel zal dus een afname zijn van de beschikbaarheid van deze "noodzakelijke goederen" en dat zal in de eerste plaats net die mensen treffen die deze goederen en diensten het meest nodig hebben. Als verantwoordelijke liberale studenten kunnen we dit hier maar niet genoeg benadrukken.
De geschiedenis heeft bovendien meermaals bewezen dat gedicteerde maximumprijzen niet werken. Een overheid is gewoonweg niet in staat om correcte prijzen te bepalen. Ze beschikt hiervoor niet over voldoende kennis of inschattingsvermogen. Dat is net de reden waarom we dit moeten overlaten aan een eerlijk en evenwichtig systeem: de vrije prijsbepaling door consument en producent. In deze probleemsituatie kunnen we niet toelaten dat deze economische en historische kennis overboord wordt gegooid. Integendeel: een probleem moet aangepakt worden met kennis van zaken. Prijscontroles hebben een effect dat ingaat tegen de bedoeling van de maatregel. Ze zijn een gevaar voor de koopkracht van de consument en de overleving van middelgrote en kleine ondernemingen. Eveneens wensen we hier te benadrukken dat de overheid in deze tijden van crisis de plicht heeft om consumenten en producenten te ontzien van bijkomende moeilijkheden. Als Elio Di Rupo echt bezorgt is om de hoge prijzen van consumptiegoederen moet hij voorstellen doen die de fiscale lasten naar omlaag halen en de overheidsuitgaven onder controle krijgen. De huidige fiscale lasten en de toekomstige schuldenlast zijn immers veel grotere bedreigingen voor onze welvaart. Als onze samenleving eindelijk eens bevrijd zou worden van dat immense overheidsbeslag zal de economische heropleving die daarmee gepaard gaat ongetwijfeld een stijging van de koopkracht voor iedereen genereren. En dat is de enige échte oplossing voor dit probleem.
Het Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV) is een onafhankelijke studentenvereniging die al sinds 1937 de liberale studenten in de zes Vlaamse universiteitssteden verenigt en een consequente liberale koers bepleit binnen het politieke landschap. Het LVSV is momenteel aanwezig in Leuven, Antwerpen, Gent, Kortrijk, Brussel en Hasselt. Dit communiqué werd ons door LVSV-voorzitter Jan Hayen bezorgd. De tekst werd lichtjes aangepast om aan het format van deze blog te voldoen. Aan de inhoud of boodschap werd niets veranderd.
Meer persteksten van de liberale studenten op www.lvsv.be.
Prijzen zijn geen willekeurige getallen of het gevolg van de "hebzucht" van ondernemers. Zij vormen het resultaat van de vraag naar en het aanbod aan bepaalde goederen en diensten. De prijs van een goed is het evenwicht tussen wat de aanbieder wilt krijgen en wat de consument daarvoor wilt betalen. Prijscontroles verstoren dit evenwicht en leggen een onredelijke prijs op aan de aanbieders van de geviseerde goederen. De reactie van de aanbieders zal zijn om minder goederen te voorzien, ze krijgen er immers niet langer de verhoopte prijs voor terwijl hun productiekosten dezelfde zijn gebleven. Zij zullen zich toeleggen op de productie van andere, eventueel gelijkaardige, producten waarvan de prijs niet door de overheid wordt vastgelegd. Of erger nog: zij zullen gedwongen worden om de productie te stoppen met faillissementen en ontslagen tot gevolg. Het resultaat van deze goedbedoelde maatregel zal dus een afname zijn van de beschikbaarheid van deze "noodzakelijke goederen" en dat zal in de eerste plaats net die mensen treffen die deze goederen en diensten het meest nodig hebben. Als verantwoordelijke liberale studenten kunnen we dit hier maar niet genoeg benadrukken.
De geschiedenis heeft bovendien meermaals bewezen dat gedicteerde maximumprijzen niet werken. Een overheid is gewoonweg niet in staat om correcte prijzen te bepalen. Ze beschikt hiervoor niet over voldoende kennis of inschattingsvermogen. Dat is net de reden waarom we dit moeten overlaten aan een eerlijk en evenwichtig systeem: de vrije prijsbepaling door consument en producent. In deze probleemsituatie kunnen we niet toelaten dat deze economische en historische kennis overboord wordt gegooid. Integendeel: een probleem moet aangepakt worden met kennis van zaken. Prijscontroles hebben een effect dat ingaat tegen de bedoeling van de maatregel. Ze zijn een gevaar voor de koopkracht van de consument en de overleving van middelgrote en kleine ondernemingen. Eveneens wensen we hier te benadrukken dat de overheid in deze tijden van crisis de plicht heeft om consumenten en producenten te ontzien van bijkomende moeilijkheden. Als Elio Di Rupo echt bezorgt is om de hoge prijzen van consumptiegoederen moet hij voorstellen doen die de fiscale lasten naar omlaag halen en de overheidsuitgaven onder controle krijgen. De huidige fiscale lasten en de toekomstige schuldenlast zijn immers veel grotere bedreigingen voor onze welvaart. Als onze samenleving eindelijk eens bevrijd zou worden van dat immense overheidsbeslag zal de economische heropleving die daarmee gepaard gaat ongetwijfeld een stijging van de koopkracht voor iedereen genereren. En dat is de enige échte oplossing voor dit probleem.
Het Liberaal Vlaams Studentenverbond (LVSV) is een onafhankelijke studentenvereniging die al sinds 1937 de liberale studenten in de zes Vlaamse universiteitssteden verenigt en een consequente liberale koers bepleit binnen het politieke landschap. Het LVSV is momenteel aanwezig in Leuven, Antwerpen, Gent, Kortrijk, Brussel en Hasselt. Dit communiqué werd ons door LVSV-voorzitter Jan Hayen bezorgd. De tekst werd lichtjes aangepast om aan het format van deze blog te voldoen. Aan de inhoud of boodschap werd niets veranderd.
Meer persteksten van de liberale studenten op www.lvsv.be.
Economieprofessor Paul De Grauwe van de Katholieke Universiteit Leuven gold jarenlang in België en daarbuiten als een gedegen doorwinterd liberaal econoom. Zijn thesisstudenten aan de KUL kregen systematisch oerliberale thema's zoals de liberalisering van de spoorwegen, de privatisering van de nutsbedrijven, de ontmanteling van de intercommunales of de deregulering van het ondernemersschap op hun bord. Paul De Grauwe was kind aan huis bij liberalen en libertariërs, en dit zowel in het politieke als academische circuit. Professor De Grauwe maakte op basis van zijn eigen mérites zelfs furore binnen het christen-democratische bastion dat de K.U. Leuven toen was, en vandaag nog steeds is, en schopte het ook tot federaal parlementslid (twee legislaturen als senator, één als Belgisch volksvertegenwoordiger) voor de Vlaamse Liberalen en Democraten.
Doorheen zijn rijke carrière kreeg hij vaste columns in prestigieuze media (recent nog in de "Financial Times") en mocht hij als "visiting professor" aan tal van internationaal gerenommeerde instellingen werken en doceren (zo bijvoorbeeld aan de "Wharton School of Business"), kreeg hij drie eredoctoraten overhandigd, en werd hij door José Manuel Barroso gevraagd om toe te treden tot diens economische adviesraad. De eertijds volbloed-liberaal werd echter door Guy Verhofstadt als politicus gedesavoueerd en nadat ook van de beloofde transfer naar een topfunctie bij de Europese Centrale Bank niets meer in huis bleek te komen, krakte er iets in zijn overtuiging.
Sindsdien blijft hij nog wel bij hoog en bij laag beweren dat hij nog steeds het liberalisme, de vrije markt en de globalisering genegen is, maar blijkt uit zijn publicaties net het tegenovergestelde. Hij ontpopte zich de laatste jaren tot een rabiaat voorstander van de loonindexering (terwijl hij vroeger zelf steeds de loonmatiging bepleitte), viel wijlen Milton Friedman daags na zijn dood in een kranteninterview af als "marktfundamentalist" (terwijl hij Friedman vroeger als één van zijn grootste voorbeelden beschouwde) en pleit voor meer activisme bij de centrale banken en meer regulering van de financiële markten (terwijl vroeger net deregulering en spontane orde zijn credo waren).
Zijn econometrische benadering van maatschappelijke vraagstukken, hij is nog steeds een enorme fan van de Zweedse Nobelprijswinnaar Jan Tinbergen, was nooit helemaal liberaal geïnspireerd, laat staan gëënt op de Oostenrijkse School, maar pas nu, in combinatie met zijn hedendaagse linkse visies op de economie, wordt dat pas echt gevaarlijk. Eventueel zou ik zelfs nog kunnen begrijpen dat iemand tijdens zijn leven en loopbaan van ideeën kan veranderen. Vaak is dat ook een positieve zaak en bewijst het net de niet-dogmatische rationele kijk op dingen van de persoon in kwestie en diens bereidheid tot kritiek en luisteren, en openheid voor nieuwe winden. Bij economieprofessor Paul De Grauwe is dat echter niet het geval.
Zijn bekering tot het etatisch-socialisme is volgens mij helemaal geen gevolg van een intellectueel evolutieproces, maar pure volksverlakkerij. De Grauwe toont zich als een doctor in de kazakkendraaierij, want hoe kan je het anders verklaren dat hij in "De Standaard" van 31 oktober laatstleden een ongenuanceerde verheerlijking van John Maynard Keynes neerschrijft en op 7 november, net één week later dus, op een conferentie in Munchen exact het tegenovergestelde bepleit en in een paper de ideeën van Friedrich Hayek boven die van Keynes verkiest? Met dank aan Paul Vreymans trouwens om mij beide links te bezorgen.
Verder bleek op 9 november dan weer, tijdens een lezing van hem voor het Liberaal Vlaams Studentenverbond in Leuven, dat hij opnieuw voor Keynes boven Hayek opteerde, maar deed dit wel in veel gematigdere en genuanceerde bewoordingen dan in dat bewuste artikel in "De Standaard". Ik vermoed dat KUL-professor Paul De Grauwe nog steeds diep in zijn hart weet dat het vrijemarktliberalisme de enige ware economische stroming is die niet enkel moreel maar ook praktisch-utilitair superieur is, maar dat hij nu (om "safe" te spelen en iedereen te vriend te houden) nog maar één enkele visie wil bepleiten: die van zijn publiek. In een economisch linkse krant is hij pro-Keynes, op een liberaal congres is hij pro-Hayek, en voor een divers publiek aan zijn thuisuniversiteit is hij een beetje pro-beide... Un petit monsieur.
Dit commentaarstuk verscheen ook elders op het internet.
Meer kritiek op Paul De Grauwe op www.rothbard.be.
Doorheen zijn rijke carrière kreeg hij vaste columns in prestigieuze media (recent nog in de "Financial Times") en mocht hij als "visiting professor" aan tal van internationaal gerenommeerde instellingen werken en doceren (zo bijvoorbeeld aan de "Wharton School of Business"), kreeg hij drie eredoctoraten overhandigd, en werd hij door José Manuel Barroso gevraagd om toe te treden tot diens economische adviesraad. De eertijds volbloed-liberaal werd echter door Guy Verhofstadt als politicus gedesavoueerd en nadat ook van de beloofde transfer naar een topfunctie bij de Europese Centrale Bank niets meer in huis bleek te komen, krakte er iets in zijn overtuiging.
Sindsdien blijft hij nog wel bij hoog en bij laag beweren dat hij nog steeds het liberalisme, de vrije markt en de globalisering genegen is, maar blijkt uit zijn publicaties net het tegenovergestelde. Hij ontpopte zich de laatste jaren tot een rabiaat voorstander van de loonindexering (terwijl hij vroeger zelf steeds de loonmatiging bepleitte), viel wijlen Milton Friedman daags na zijn dood in een kranteninterview af als "marktfundamentalist" (terwijl hij Friedman vroeger als één van zijn grootste voorbeelden beschouwde) en pleit voor meer activisme bij de centrale banken en meer regulering van de financiële markten (terwijl vroeger net deregulering en spontane orde zijn credo waren).
Zijn econometrische benadering van maatschappelijke vraagstukken, hij is nog steeds een enorme fan van de Zweedse Nobelprijswinnaar Jan Tinbergen, was nooit helemaal liberaal geïnspireerd, laat staan gëënt op de Oostenrijkse School, maar pas nu, in combinatie met zijn hedendaagse linkse visies op de economie, wordt dat pas echt gevaarlijk. Eventueel zou ik zelfs nog kunnen begrijpen dat iemand tijdens zijn leven en loopbaan van ideeën kan veranderen. Vaak is dat ook een positieve zaak en bewijst het net de niet-dogmatische rationele kijk op dingen van de persoon in kwestie en diens bereidheid tot kritiek en luisteren, en openheid voor nieuwe winden. Bij economieprofessor Paul De Grauwe is dat echter niet het geval.
Zijn bekering tot het etatisch-socialisme is volgens mij helemaal geen gevolg van een intellectueel evolutieproces, maar pure volksverlakkerij. De Grauwe toont zich als een doctor in de kazakkendraaierij, want hoe kan je het anders verklaren dat hij in "De Standaard" van 31 oktober laatstleden een ongenuanceerde verheerlijking van John Maynard Keynes neerschrijft en op 7 november, net één week later dus, op een conferentie in Munchen exact het tegenovergestelde bepleit en in een paper de ideeën van Friedrich Hayek boven die van Keynes verkiest? Met dank aan Paul Vreymans trouwens om mij beide links te bezorgen.
Verder bleek op 9 november dan weer, tijdens een lezing van hem voor het Liberaal Vlaams Studentenverbond in Leuven, dat hij opnieuw voor Keynes boven Hayek opteerde, maar deed dit wel in veel gematigdere en genuanceerde bewoordingen dan in dat bewuste artikel in "De Standaard". Ik vermoed dat KUL-professor Paul De Grauwe nog steeds diep in zijn hart weet dat het vrijemarktliberalisme de enige ware economische stroming is die niet enkel moreel maar ook praktisch-utilitair superieur is, maar dat hij nu (om "safe" te spelen en iedereen te vriend te houden) nog maar één enkele visie wil bepleiten: die van zijn publiek. In een economisch linkse krant is hij pro-Keynes, op een liberaal congres is hij pro-Hayek, en voor een divers publiek aan zijn thuisuniversiteit is hij een beetje pro-beide... Un petit monsieur.
Dit commentaarstuk verscheen ook elders op het internet.
Meer kritiek op Paul De Grauwe op www.rothbard.be.
Jean-Marie Dedecker beweert in zijn meest recente boek "Hoofddoek of Blinddoek" onder de titel "De migratie ontsluierd" dat de massa-immigratie van niet-Westerlingen de Belgische schatkist (de belastingbetalers dus) elk jaar 7,76 miljard EUR zou kosten, ofwel 2,2% van ons Bruto Binnenlands Product. De cijfers van Jean-Marie Dedecker werden niet gecontesteerd en zelfs de traditionele media gaven voor de verandering eens een uitgebreid forum voor deze niet zo plezierige waarheid. Ik ben blij dat we met Jean-Marie Dedecker eindelijk eens terug iemand hebben die de koe bij de hoorns durft vatten en de dingen benoemt zoals ze zijn, maar zonder daarom meteen te vervallen in goedkope platitudes die hem en zijn beweging in het verdomhoekje achter het cordon sanitaire zouden duwen.
Ik moet echter uit eigen ervaring zeggen dat de cijfers van Jean-Marie Dedecker niet helemaal de volledige lading dekken. Hij mag dan al wel een gedetailleerde berekening maken van de kosten die het opsporen, berechten en interneren van niet-Westerse migranten en/of allochtonen, de schade aan derden die dat onaanvaardbaar wangedrag veroorzaakt komt niet in zijn cijfermateriaal voor. Het kostenplaatje van immigratie dat Jean-Marie Dedecker voor België berekend heeft, maakt abstractie van stoffelijke schade, laat staan van de pecuniaire waardering van lichamelijke letsels of psychische problemen als gevolg van die criminele handelingen van migranten en/of allochtonen.
Zelf pendel ik nu al enkele weken met de wagen van mijn huis in Antwerpen naar mijn kantoor in Brussel, maar kennelijk was rust en respect voor iemands eigendom net iets te veel gevraagd. Vorige week vond ik mijn wagen, een bescheiden Peugeot 307, immers gevandaliseerd terug op de - tijdens de kantooruren maar kennelijk niet daarbuiten bewaakte - buitenparking van het Europees Parlement aan de Belliardtunnel. Een zijruit was ingeslagen, het koetswerk bekrast en een bluts geslagen ter hoogte van mijn pinker vooraan. Niets gestolen natuurlijk, gewoon puur vandalisme... Kennelijk vindt een bepaald soort "kansarme" bevolkingsgroep in Brussel het leuk of spannend om andermans eigendom te vernielen. Dit is niets nieuws natuurlijk, tenzij het eens om je eigen wagen of eigendom zou gaan.
Voor de bluts en de krassen heb ik bij mijn garagist nog geen bestek gevraagd, dat zou toch veel te hoog oplopen. Maar de andere kosten van deze grap ken ik al wel: 250 EUR voor een nieuwe autoruit bij Carglass, twee uren verlet van mijn werk om met de wagen naar Carglass te gaan, twee uren verlet om aangifte te doen bij de politie en één uur verlet om bij de bewakingsdienst van de parking mijn beklag te doen. Allemaal kosten die we niet terugvinden in de cijfers van Jean-Marie Dedecker... Nu zal u misschien zeggen dat er geen zekerheid is dat deze vandalenstreek het werk is geweest van niet-Westerse migranten of allochtonen, en daarin heeft u strikt genomen gelijk en veralgemenen is nooit goed, maar soms moet je de politiek correcte paardenkleppen eens afzetten en een kat een kat noemen.
De politie van Elsene liet er maar weinig twijfel over bestaan. Dit soort vandalenstreken zou doorgaans het werk zijn van gefrustreerde allochtonenjongeren die er plezier in schijnen te scheppen andere mensen, meestal productieve blanken, te treiteren en te terroriseren. Een vriend van mij werkt als jeugdadvocaat in Brussel en ook hij was hier zeer categoriek in. Meer dan drie vierde van al zijn zaken met betrekking tot straatcriminaliteit heeft immers een jonge migrant of allochtoon als dader. De struisvogelpolitiek van naïef links politiek correct migrantenknuffelend Vlaanderen is mede verantwoordelijk voor de staat waarin onze samenleving zich momenteel bevindt.
De Franse Europarlementariër en fractievoorzitter van de Europese Volkspartij Joseph Daul had overschot van gelijk toen die op de plenaire zitting in Straatsburg deze maand zei dat de stad Brussel de veiligheid van haar inwoners niet meer kan (of wil) garanderen. De afgelopen weken werd tot twee maal toe een Europees Parlementslid bij klaarlichte dag op straat aangevallen en beroofd door een bende jonge allochtonen. Burgemeester Freddy Thielemans weigert hier iets aan te doen. De daders, moslimmigranten, zijn en blijven nu eenmaal zijn toekomstige kiezers. Daarmee is voor hem de kous af. Men doet alsof zijn neus bloedt terwijl de barbaren al aan de poorten van Wenen staan. Lang leve de multicultuur. Eurabië wordt toch gewoon zalig.


Dit commentaarstuk verscheen ook elders op het internet.
Meer over de toestand in Brussel op www.brusselsjournal.com.
Ik moet echter uit eigen ervaring zeggen dat de cijfers van Jean-Marie Dedecker niet helemaal de volledige lading dekken. Hij mag dan al wel een gedetailleerde berekening maken van de kosten die het opsporen, berechten en interneren van niet-Westerse migranten en/of allochtonen, de schade aan derden die dat onaanvaardbaar wangedrag veroorzaakt komt niet in zijn cijfermateriaal voor. Het kostenplaatje van immigratie dat Jean-Marie Dedecker voor België berekend heeft, maakt abstractie van stoffelijke schade, laat staan van de pecuniaire waardering van lichamelijke letsels of psychische problemen als gevolg van die criminele handelingen van migranten en/of allochtonen.
Zelf pendel ik nu al enkele weken met de wagen van mijn huis in Antwerpen naar mijn kantoor in Brussel, maar kennelijk was rust en respect voor iemands eigendom net iets te veel gevraagd. Vorige week vond ik mijn wagen, een bescheiden Peugeot 307, immers gevandaliseerd terug op de - tijdens de kantooruren maar kennelijk niet daarbuiten bewaakte - buitenparking van het Europees Parlement aan de Belliardtunnel. Een zijruit was ingeslagen, het koetswerk bekrast en een bluts geslagen ter hoogte van mijn pinker vooraan. Niets gestolen natuurlijk, gewoon puur vandalisme... Kennelijk vindt een bepaald soort "kansarme" bevolkingsgroep in Brussel het leuk of spannend om andermans eigendom te vernielen. Dit is niets nieuws natuurlijk, tenzij het eens om je eigen wagen of eigendom zou gaan.
Voor de bluts en de krassen heb ik bij mijn garagist nog geen bestek gevraagd, dat zou toch veel te hoog oplopen. Maar de andere kosten van deze grap ken ik al wel: 250 EUR voor een nieuwe autoruit bij Carglass, twee uren verlet van mijn werk om met de wagen naar Carglass te gaan, twee uren verlet om aangifte te doen bij de politie en één uur verlet om bij de bewakingsdienst van de parking mijn beklag te doen. Allemaal kosten die we niet terugvinden in de cijfers van Jean-Marie Dedecker... Nu zal u misschien zeggen dat er geen zekerheid is dat deze vandalenstreek het werk is geweest van niet-Westerse migranten of allochtonen, en daarin heeft u strikt genomen gelijk en veralgemenen is nooit goed, maar soms moet je de politiek correcte paardenkleppen eens afzetten en een kat een kat noemen.
De politie van Elsene liet er maar weinig twijfel over bestaan. Dit soort vandalenstreken zou doorgaans het werk zijn van gefrustreerde allochtonenjongeren die er plezier in schijnen te scheppen andere mensen, meestal productieve blanken, te treiteren en te terroriseren. Een vriend van mij werkt als jeugdadvocaat in Brussel en ook hij was hier zeer categoriek in. Meer dan drie vierde van al zijn zaken met betrekking tot straatcriminaliteit heeft immers een jonge migrant of allochtoon als dader. De struisvogelpolitiek van naïef links politiek correct migrantenknuffelend Vlaanderen is mede verantwoordelijk voor de staat waarin onze samenleving zich momenteel bevindt.
De Franse Europarlementariër en fractievoorzitter van de Europese Volkspartij Joseph Daul had overschot van gelijk toen die op de plenaire zitting in Straatsburg deze maand zei dat de stad Brussel de veiligheid van haar inwoners niet meer kan (of wil) garanderen. De afgelopen weken werd tot twee maal toe een Europees Parlementslid bij klaarlichte dag op straat aangevallen en beroofd door een bende jonge allochtonen. Burgemeester Freddy Thielemans weigert hier iets aan te doen. De daders, moslimmigranten, zijn en blijven nu eenmaal zijn toekomstige kiezers. Daarmee is voor hem de kous af. Men doet alsof zijn neus bloedt terwijl de barbaren al aan de poorten van Wenen staan. Lang leve de multicultuur. Eurabië wordt toch gewoon zalig.
Dit commentaarstuk verscheen ook elders op het internet.
Meer over de toestand in Brussel op www.brusselsjournal.com.
Het Keynesiaans relancebeleid van Europese overheden wordt met de week brutaler en is nauwelijks effectief. De Duitse schrootpremie was een groteske manier om mensen nog eenmaal te snel van auto te doen veranderen en heeft autofabrikanten nog langer doen treuzelen met hun onafwendbare saneringen. Ook de ongeziene expansie van de monetaire basis in de euro- en dollarzone helpt niet meer om het krediet aan de nijverheid te versoepelen, maar leidt er alleen toe dat de insolvabele banken in een poging om zichzelf overeind te houden, staatsobligaties kopen en nog meer krediet verschaffen aan noodlijdende ondernemingen waaraan ze al veel te veel krediet hebben verschaft... Door telkens voor de snelle Keynesiaanse uitweg uit een recessie te kiezen, wordt de volgende crisis alleen maar onbeheersbaarder. Duurzaam herstel kan maar komen nadat deflatie de buitensporige prijzen voldoende heeft verlaagd en de ‘spread’ tussen productiekosten en verkoopsprijzen is hersteld en zulkdanig winstpotentieel is geschapen, dat ondernemers willen aanwerven.
De comeback van John Maynard Keynes is opmerkelijk. Prof. De Grauwe zit er zelf mee verveeld dat daardoor de discussies van de jaren dertig van de vorige eeuw zich helemaal herhalen. 'Eigenlijk is dat ontmoedigend' zegt hij in De Standaard van 31 oktober. Maar wie is hier hardleers? Degenen die Keynes uit de handboeken hebben verbannen of degenen die volharden in het politiek en monetair manipuleren van individueel consumptie- en investeringsgedrag? Paul De Grauwe was zelf de luidste roeper om tijdens de hoogconjunctuur de geldkraan nog meer open te draaien. De centrale banken mochten zich niet blindstaren op de inflatie. Een beetje meer inflatie was in sommige gevallen geen te hoge prijs voor meer jobs en groei. Door dit te zeggen tijdens de laatste hoogconjunctuur, heeft De Grauwe elk gezag verloren om ons nu de weg uit de crisis te wijzen. Je kunt niet tegelijk beweren dat de laatste hoogconjunctuur op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en dat we tijdens die hoogconjunctuur nog kwistiger met krediet moesten omspringen.
Die tegenspraak is zo flagrant, dat die zelfs De Grauwe niet kan ontgaan. Daarom probeert hij zichzelf wijs te maken dat de Amerikaanse economie op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en de Europese niet. Destijds gaf hij inderdaad alleen aan de Europese Centrale Bank de raad om een lossere monetaire politiek te voeren, zij het wel naar het voorbeeld van…de Amerikaanse Fed. Dit lost dus de contradictie niet op en er komt er meteen een tweede bij. In hetzelfde interview van zaterdag herhaalt hij dat hij naar aanleiding van de crisis heeft ontdekt dat de Europese sociale zekerheidsstelsels een stabiliserende werking hebben door de consumptie op peil te houden. Net alsof de uitkeringen in ons stelsel en de daaruit voortvloeiende consumptie ook niet op krediet was en meer dan ooit is gebaseerd. De sociale zekerheid is in de eerste fase van de crisis een buffer geweest door… de consumptiezeepbel nog meer op te blazen. De Belgische federale overheid moet daartoe elke dag meer lenen om haar sociale zekerheidsverplichtingen te kunnen nakomen. Het ‘businessplan’ van de N.V. België is dus gebaseerd op ongebreideld en permanent goedkoop krediet. Het is een kwestie van tijd vooraleer de Belgische staatsbons de status van ‘rommel’ krijgen.

Er is misschien nog een uitweg door drastisch op andere overheidsuitgaven te besparen en zo de kredietbehoefte van de Belgische staat te verminderen. Maar daar is De Grauwe dan weer mordicus tegen omdat hij inmiddels als bekeerde Keynesiaan vindt dat als de mensen besparen, de overheid meer moet uitgeven. Anders worden we het slachtoffer van de ‘spaarparadox’ waar De Grauwe ons de laatste tijd voortdurend mee om de oren slaat. Het is inderdaad ‘vermoeiend’ dat men nu al sinds de jaren dertig steeds opnieuw moet uitleggen dat de spaarparadox niet bestaat. We kunnen ons geen uitweg uit de schuldencrisis consumeren. Of nog: als je in de put zit, moet je stoppen met graven.
Een recessie of zelfs een Grote Depressie ontstaat niet zozeer omdat mensen minder consumeren, maar omdat hun consumptiepatroon zodanig verandert, dat de ondernemingen bijna allemaal tegelijk moeten herstructureren. De daaruit voortvloeiende crisis is beangstigend en lijkt uit de hand te lopen, waardoor de roep om overheidsinterventies luider klinkt. En machtswellustige politici gaan daar graag op in. Nu weet ik ook wel dat de crisis sinds vorig jaar zo gevaarlijk is, dat zelfs goedmenende politici geen alternatief zagen voor de redding van de slechte banken. Maar hoe zijn we in een dergelijke situatie terechtgekomen? Door de perverse bonussenpolitiek bij de banken, zegt iedereen. Maar indien hetzelfde klaarblijkelijke marktfalen zich eerder in de geschiedenis had voorgedaan, dan zou de daaruit voortvloeiende kredietcrisis geen systeemcrisis zijn geweest.
Zelfs in de jaren dertig was het systeem sterker dan nu. De ultieme redders van falende banken – de overheden – zaten toen nog niet zelf tot over hun oren in de schulden. Maar vooral, zelfs indien de overheden in de jaren dertig in staking van betalingen zouden zijn gegaan, raakte dat slechts weinig mensen. Toen was 10% van de bevolking voor zijn inkomen afhankelijk van de overheid en de door de overheid noodzakelijk gemaakte bureaucratische privé-industrie, vandaag is dat 80%. Juist door telkens voor een snelle uitweg uit een recessie te kiezen, zijn steeds meer inkomens afhankelijk van uitkeringen, subsidies en monetaire groei, waardoor elke volgende crisis onbeheersbaarder wordt.
Het relancebeleid van de overheden wordt steeds brutaler en is nauwelijks effectief. De schrootpremie in Duitsland is een groteske manier om mensen nog eenmaal te snel van auto te doen veranderen zodat de autofabrikanten nog een paar maand langer kunnen treuzelen met hun noodzakelijke saneringen. De ongeziene expansie van de monetaire basis in de dollar- en eurozones helpt zelfs niet meer om het krediet aan de nijverheid te versoepelen, maar leidt er alleen toe dat de insolvabele banken in een laatste poging om zichzelf overeind te houden, verder krediet verschaffen aan de noodlijdende ondernemingen waaraan ze al veel te veel krediet hebben verschaft.

Helemaal hallucinant is, dat de allerslechtste bedrijven – de overheden – bij de banken moeten lenen om de banken overeind te houden. Dat is wat De Grauwe wil als hij zegt dat hij gewonnen is voor meer overheidsingrijpen. En waarom? Allemaal om deflatie te vermijden. Een deflatoire spiraal van afdankingen, dalende vraag en nog meer afdankingen hoeft helemaal niet uit de hand te lopen. Indien De Grauwe werkelijk nog enig vertrouwen in een markteconomie heeft, zoals hij beweert, dan zou hij toch minstens de wetten van vraag en aanbod moeten begrijpen. Die wetten zeggen dat de verhouding tussen vraag en aanbod de marktprijs bepaalt, maar dat impliceert natuurlijk ook dat prijzen ten opzichte van elkaar zullen fluctueren.
Zelfs tijdens een ‘helse deflatierit’, dalen niet alle prijzen even snel. Omdat er geen theoretisch standpunt is van waaruit men goede van slechte producten kan onderscheiden, hebben we marktwerking en ondernemerschap nodig. Maar we weten wel dat er altijd goede producten zullen zijn. Er is nooit een algehele overproductiecapaciteit. Er zijn dus altijd producten waarvan de prijzen sneller zullen stijgen of minder snel zullen dalen dan hun productiekosten. Het duurzaam herstel komt er wanneer de slechte producten voldoende uit het systeem weggewerkt zijn. Of nog: algeheel consumentenpessimisme kan niet tegenhouden en werkt zelfs in de hand dat voor sommige producenten de ‘spread’ tussen hun productiekosten en hun verkoopsprijzen en dus hun winstpotentieel zo groot wordt, dat ze wel terug zullen aanwerven.
Dit artikel van Martin De Vlieghere verscheen ook op de weblogs "In Flanders Fields", "De Vrijspreker" en "WorkAndWealthForAll".
Meer teksten van hem op www.workforall.net.
De comeback van John Maynard Keynes is opmerkelijk. Prof. De Grauwe zit er zelf mee verveeld dat daardoor de discussies van de jaren dertig van de vorige eeuw zich helemaal herhalen. 'Eigenlijk is dat ontmoedigend' zegt hij in De Standaard van 31 oktober. Maar wie is hier hardleers? Degenen die Keynes uit de handboeken hebben verbannen of degenen die volharden in het politiek en monetair manipuleren van individueel consumptie- en investeringsgedrag? Paul De Grauwe was zelf de luidste roeper om tijdens de hoogconjunctuur de geldkraan nog meer open te draaien. De centrale banken mochten zich niet blindstaren op de inflatie. Een beetje meer inflatie was in sommige gevallen geen te hoge prijs voor meer jobs en groei. Door dit te zeggen tijdens de laatste hoogconjunctuur, heeft De Grauwe elk gezag verloren om ons nu de weg uit de crisis te wijzen. Je kunt niet tegelijk beweren dat de laatste hoogconjunctuur op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en dat we tijdens die hoogconjunctuur nog kwistiger met krediet moesten omspringen.
Die tegenspraak is zo flagrant, dat die zelfs De Grauwe niet kan ontgaan. Daarom probeert hij zichzelf wijs te maken dat de Amerikaanse economie op een consumptie- en kredietzeepbel was gebaseerd en de Europese niet. Destijds gaf hij inderdaad alleen aan de Europese Centrale Bank de raad om een lossere monetaire politiek te voeren, zij het wel naar het voorbeeld van…de Amerikaanse Fed. Dit lost dus de contradictie niet op en er komt er meteen een tweede bij. In hetzelfde interview van zaterdag herhaalt hij dat hij naar aanleiding van de crisis heeft ontdekt dat de Europese sociale zekerheidsstelsels een stabiliserende werking hebben door de consumptie op peil te houden. Net alsof de uitkeringen in ons stelsel en de daaruit voortvloeiende consumptie ook niet op krediet was en meer dan ooit is gebaseerd. De sociale zekerheid is in de eerste fase van de crisis een buffer geweest door… de consumptiezeepbel nog meer op te blazen. De Belgische federale overheid moet daartoe elke dag meer lenen om haar sociale zekerheidsverplichtingen te kunnen nakomen. Het ‘businessplan’ van de N.V. België is dus gebaseerd op ongebreideld en permanent goedkoop krediet. Het is een kwestie van tijd vooraleer de Belgische staatsbons de status van ‘rommel’ krijgen.

Er is misschien nog een uitweg door drastisch op andere overheidsuitgaven te besparen en zo de kredietbehoefte van de Belgische staat te verminderen. Maar daar is De Grauwe dan weer mordicus tegen omdat hij inmiddels als bekeerde Keynesiaan vindt dat als de mensen besparen, de overheid meer moet uitgeven. Anders worden we het slachtoffer van de ‘spaarparadox’ waar De Grauwe ons de laatste tijd voortdurend mee om de oren slaat. Het is inderdaad ‘vermoeiend’ dat men nu al sinds de jaren dertig steeds opnieuw moet uitleggen dat de spaarparadox niet bestaat. We kunnen ons geen uitweg uit de schuldencrisis consumeren. Of nog: als je in de put zit, moet je stoppen met graven.
Een recessie of zelfs een Grote Depressie ontstaat niet zozeer omdat mensen minder consumeren, maar omdat hun consumptiepatroon zodanig verandert, dat de ondernemingen bijna allemaal tegelijk moeten herstructureren. De daaruit voortvloeiende crisis is beangstigend en lijkt uit de hand te lopen, waardoor de roep om overheidsinterventies luider klinkt. En machtswellustige politici gaan daar graag op in. Nu weet ik ook wel dat de crisis sinds vorig jaar zo gevaarlijk is, dat zelfs goedmenende politici geen alternatief zagen voor de redding van de slechte banken. Maar hoe zijn we in een dergelijke situatie terechtgekomen? Door de perverse bonussenpolitiek bij de banken, zegt iedereen. Maar indien hetzelfde klaarblijkelijke marktfalen zich eerder in de geschiedenis had voorgedaan, dan zou de daaruit voortvloeiende kredietcrisis geen systeemcrisis zijn geweest.
Zelfs in de jaren dertig was het systeem sterker dan nu. De ultieme redders van falende banken – de overheden – zaten toen nog niet zelf tot over hun oren in de schulden. Maar vooral, zelfs indien de overheden in de jaren dertig in staking van betalingen zouden zijn gegaan, raakte dat slechts weinig mensen. Toen was 10% van de bevolking voor zijn inkomen afhankelijk van de overheid en de door de overheid noodzakelijk gemaakte bureaucratische privé-industrie, vandaag is dat 80%. Juist door telkens voor een snelle uitweg uit een recessie te kiezen, zijn steeds meer inkomens afhankelijk van uitkeringen, subsidies en monetaire groei, waardoor elke volgende crisis onbeheersbaarder wordt.
Het relancebeleid van de overheden wordt steeds brutaler en is nauwelijks effectief. De schrootpremie in Duitsland is een groteske manier om mensen nog eenmaal te snel van auto te doen veranderen zodat de autofabrikanten nog een paar maand langer kunnen treuzelen met hun noodzakelijke saneringen. De ongeziene expansie van de monetaire basis in de dollar- en eurozones helpt zelfs niet meer om het krediet aan de nijverheid te versoepelen, maar leidt er alleen toe dat de insolvabele banken in een laatste poging om zichzelf overeind te houden, verder krediet verschaffen aan de noodlijdende ondernemingen waaraan ze al veel te veel krediet hebben verschaft.

Helemaal hallucinant is, dat de allerslechtste bedrijven – de overheden – bij de banken moeten lenen om de banken overeind te houden. Dat is wat De Grauwe wil als hij zegt dat hij gewonnen is voor meer overheidsingrijpen. En waarom? Allemaal om deflatie te vermijden. Een deflatoire spiraal van afdankingen, dalende vraag en nog meer afdankingen hoeft helemaal niet uit de hand te lopen. Indien De Grauwe werkelijk nog enig vertrouwen in een markteconomie heeft, zoals hij beweert, dan zou hij toch minstens de wetten van vraag en aanbod moeten begrijpen. Die wetten zeggen dat de verhouding tussen vraag en aanbod de marktprijs bepaalt, maar dat impliceert natuurlijk ook dat prijzen ten opzichte van elkaar zullen fluctueren.
Zelfs tijdens een ‘helse deflatierit’, dalen niet alle prijzen even snel. Omdat er geen theoretisch standpunt is van waaruit men goede van slechte producten kan onderscheiden, hebben we marktwerking en ondernemerschap nodig. Maar we weten wel dat er altijd goede producten zullen zijn. Er is nooit een algehele overproductiecapaciteit. Er zijn dus altijd producten waarvan de prijzen sneller zullen stijgen of minder snel zullen dalen dan hun productiekosten. Het duurzaam herstel komt er wanneer de slechte producten voldoende uit het systeem weggewerkt zijn. Of nog: algeheel consumentenpessimisme kan niet tegenhouden en werkt zelfs in de hand dat voor sommige producenten de ‘spread’ tussen hun productiekosten en hun verkoopsprijzen en dus hun winstpotentieel zo groot wordt, dat ze wel terug zullen aanwerven.
Dit artikel van Martin De Vlieghere verscheen ook op de weblogs "In Flanders Fields", "De Vrijspreker" en "WorkAndWealthForAll".
Meer teksten van hem op www.workforall.net.
In een recent artikel in "De Morgen" wijt Paul De Grauwe het falen van de voorspellingen van economen terecht aan hun onrealistische modellen. Zij baseren zich immers op twee absurde hypotheses, met name de “rationele verwachting” en “efficiënte markt”. Paul De Grauwe stelt dat economie een andere soort wetenschap is dan fysica, waardoor modellen opstellen en voorspellingen doen veel moeilijker wordt. Hoe ga je bijvoorbeeld een economische crisis experimenteel proberen te verklaren? Ga je alle variabelen constant kunnen houden (de vraag, het aanbod, de rente, de verwachtingen van mensen, e.a.), zoals een fysicus dat doet in zijn labo? Gecontroleerde experimenten in de economie gelijkend op deze in de fysica zijn onmogelijk, zelfs in een totalitaire maatschappij. Een ander soort wetenschap vraagt een andere methodologie. Professor De Grauwe roept, na het falen van het huidige paradigma, dan ook op tot het uitvinden van een nieuwe (macro-economische) theorie.
Wat hij niet zegt, is dat er reeds een economische school bestaat die niet lijdt aan de ziekten van de huidige macro-economie. De naam van deze school is de Oostenrijkse school. Deze economische strekking bestaat al meer dan honderd jaar en haar oorsprong ligt nog vele honderden jaren eerder. De Oostenrijkse school gebruikt geen modellen die menselijk gedrag negeren, maar vertrekt juist van het feit dat mensen doelgericht handelen en leidt daaruit economische principes af. Terwijl de mainstream economen de crisis ontkenden terwijl ze al bezig was, hadden de Oostenrijkse economen ze lang van tevoren zien aankomen. De YouTube-video waarop één van hen, Peter Schiff, in 2006 en 2007 de crisis herhaaldelijk voorspelde op televisie, geldt als een opvallend bewijs hiervan (nu al meer dan 1,5 miljoen hits).
Hulp vragen in verband met de crisis aan economen volgens wiens modellen de crisis niet kan bestaan, is niet verstandig. Zich tot de Oostenrijkse school wenden is dit des te meer. Het paradepaardje van de Oostenrijkse school is namelijk hun verklaring voor de steeds wederkerende plaag van crisissen: de ABCT (Austrian Business Cycle Theory). Voor deze theorie kreeg de econoom Friedrich von Hayek in 1974 de Nobelprijs economie. De ABCT acht het artificieel verlagen van de rente door de centrale bank als cruciaal om de economie op een pad van onstabiele groei te sturen (de bubbel). De vereenvoudigde versie van de theorie gaat als volgt. De centrale bank creëert geld en drijft zo de rente lager. Deze lage rente leidt tot optimisme op de markt en verleidt ondernemers tot investeren en het uitbreiden van productie. Wanneer de centrale bank minder (of minder snel) geld creëert en de rente terug stijgt, blijken al deze investeringen onhoudbaar en staan we aan de rand van de crisis. Als je de rente bekijkt van de laatste jaren, worden de bubbel en de crisis makkelijker te begrijpen.
Het recept van de Oostenrijkse school om zo snel mogelijk weer over te kunnen gaan naar een stabiele situatie is verrassend eenvoudig; niets doen. Op die manier kunnen foute investeringen verdwijnen en middelen terug naar hun juiste plaats in de economie, daar waar de consument ze wil. Juist het in leven houden van bedrijven en het bijcreëren van geld door de centrale bank, leidt tot het ophopen van foute investeringen en het aanslepen van de depressie. Het voorkomen van een volgende crisis is, volgens de Oostenrijkse school, enkel mogelijk zo de centrale bank zich onthoudt van geldcreatie en het manipuleren van de rente. Hopelijk toont deze korte uiteenzetting voor de wanhopende macro-economen een mogelijke uitweg. Naast het - weerom - verder prutsen aan modellen zijn er andere, vruchtvollere manieren om aan economie te doen. Deze zijn te vinden in de boeken van Ludwig von Mises, Friedrich von Hayek en Murray Rothbard.
Dit opiniestuk van Simon Van Wambeke werd als persbericht van het LVSV Leuven uitgestuurd en overgenomen op tal van weblogs.
Meer teksten van hem op www.rothbard.be.
Wat hij niet zegt, is dat er reeds een economische school bestaat die niet lijdt aan de ziekten van de huidige macro-economie. De naam van deze school is de Oostenrijkse school. Deze economische strekking bestaat al meer dan honderd jaar en haar oorsprong ligt nog vele honderden jaren eerder. De Oostenrijkse school gebruikt geen modellen die menselijk gedrag negeren, maar vertrekt juist van het feit dat mensen doelgericht handelen en leidt daaruit economische principes af. Terwijl de mainstream economen de crisis ontkenden terwijl ze al bezig was, hadden de Oostenrijkse economen ze lang van tevoren zien aankomen. De YouTube-video waarop één van hen, Peter Schiff, in 2006 en 2007 de crisis herhaaldelijk voorspelde op televisie, geldt als een opvallend bewijs hiervan (nu al meer dan 1,5 miljoen hits).
Hulp vragen in verband met de crisis aan economen volgens wiens modellen de crisis niet kan bestaan, is niet verstandig. Zich tot de Oostenrijkse school wenden is dit des te meer. Het paradepaardje van de Oostenrijkse school is namelijk hun verklaring voor de steeds wederkerende plaag van crisissen: de ABCT (Austrian Business Cycle Theory). Voor deze theorie kreeg de econoom Friedrich von Hayek in 1974 de Nobelprijs economie. De ABCT acht het artificieel verlagen van de rente door de centrale bank als cruciaal om de economie op een pad van onstabiele groei te sturen (de bubbel). De vereenvoudigde versie van de theorie gaat als volgt. De centrale bank creëert geld en drijft zo de rente lager. Deze lage rente leidt tot optimisme op de markt en verleidt ondernemers tot investeren en het uitbreiden van productie. Wanneer de centrale bank minder (of minder snel) geld creëert en de rente terug stijgt, blijken al deze investeringen onhoudbaar en staan we aan de rand van de crisis. Als je de rente bekijkt van de laatste jaren, worden de bubbel en de crisis makkelijker te begrijpen.
Het recept van de Oostenrijkse school om zo snel mogelijk weer over te kunnen gaan naar een stabiele situatie is verrassend eenvoudig; niets doen. Op die manier kunnen foute investeringen verdwijnen en middelen terug naar hun juiste plaats in de economie, daar waar de consument ze wil. Juist het in leven houden van bedrijven en het bijcreëren van geld door de centrale bank, leidt tot het ophopen van foute investeringen en het aanslepen van de depressie. Het voorkomen van een volgende crisis is, volgens de Oostenrijkse school, enkel mogelijk zo de centrale bank zich onthoudt van geldcreatie en het manipuleren van de rente. Hopelijk toont deze korte uiteenzetting voor de wanhopende macro-economen een mogelijke uitweg. Naast het - weerom - verder prutsen aan modellen zijn er andere, vruchtvollere manieren om aan economie te doen. Deze zijn te vinden in de boeken van Ludwig von Mises, Friedrich von Hayek en Murray Rothbard.
Dit opiniestuk van Simon Van Wambeke werd als persbericht van het LVSV Leuven uitgestuurd en overgenomen op tal van weblogs.
Meer teksten van hem op www.rothbard.be.
"In het kader van de inzameling en vernietiging van bijna 130.000 wapens in België zijn de volgende bemerkingen en kanttekeningen zeker op hun plaats," aldus Daniël Beets, de voorzitter van de AVWL, in een e-mail naar uw dienaar. De AVWL is een vzw die zich actief inzet voor de verdediging van schutters en wapenliefhebbers in België. In november 2007 had ik Daniël Beets, toen nog AVWL-ondervoorzitter, als gastspreker naar Leuven gehaald voor een "Blauwe Maandag" van het Liberaal Vlaams Studentenverbond. Beets mocht dan al wel veel gematigder zijn in het verdedigen van wapens dan zijn Amerikaanse evenknie, wijlen Charlton Heston, maar toch hield zijn bevlogen pleidooi toen zeker ook steek. En nu opnieuw is zijn niet malse kritiek volledig terecht. Vandaar dat ik zijn reactie op de recente berichten dat er in België onder de nieuwe wapenwet bijna 130,000 vuurwapens vernietigd zijn, hieronder integraal overneem. Ik ben het met hem eens.
Meer wapeninfo op www.gunfacts.be en www.daaa-avwl.org.
1. In het kader van de onrustwekkende berichten rond het in omloop zijn van 2 miljoen wapens (vooral illegale), die rondgestrooid werden na het drama in Antwerpen mag men, objectief gezien, gerust stellen dat de inzameling een volledige mislukking is.Dit stuk van Daniël Beets werd ook naar andere media gestuurd.
2. Het overgrote deel van de ingezamelde wapens zijn wapens die vroeger reeds legaal geregistreerd waren, als dusdanig opgespoord en waarvan de eigenaars onder dwang hun wapens afhandig gemaakt werden omdat zij niet voldeden aan de nieuwe opgelegde voorwaarden en met als cynische noot dat men hen dan nog een document liet tekenen waarin zij verklaarden dat zij “vrijwillig afstand” deden van hun wapens.
3. De overheid en vooral de media hebben aan de mensen verzwegen dat zij hun wapens volledig legaal konden overdragen aan erkende of vergunde personen en zo een geldelijk deel van hun bezit konden recupereren. De betrokken mensen, maar ook de politiediensten werden slecht geïnformeerd en werden vooral opgejaagd, terwijl er van in het begin reeds aanwijzingen waren dat de wet zou veranderd moeten worden. Alleen de nadruk werd gelegd op het inleveren.
4. De wapens werden zo vlug mogelijk vernietigd terwijl er een nochtans een bezwaarschrift lopende was bij het Grondwettelijk Hof over de eigenlijke onteigening zonder vergoeding wat deze “inzameling” uiteindelijk was. De uitspraak van het Grondwettelijk Hof gaf de klagers gelijk waardoor het wapenbezit zonder munitie mogelijk werd voor de mensen die onder de “inzamelingsvoorwaarden” vielen. Door het feit dat men de gedupeerden verplicht had een document te tekenen waarin zij “vrijwillig afstand” deden hebben zij hun recht op vergoeding op een oneerlijke manier verloren. Vele mensen hebben op die manier ook onherroepelijk emotioneel verlies geleden door het verplicht inleveren van bijzondere herinneringstukken.
5. De wapens van criminelen werden niet ingezameld en er worden geen bijzondere acties gepland om die wapens te gaan zoeken in het criminele milieu. Criminelen worden zelden vervolgd voor hun illegaal wapenbezit. Eerbare burgers daarentegen, worden constant bedreigd met zware financiële en gevangenisstraffen indien zij vergeten hun wapens aan te geven. Momenteel zijn er daarbij nog duizenden mensen die dachten dat al die heisa niet op hen van toepassing was.
6. Sinds de inzameling is de criminaliteit niet gedaald. Sommige criminaliteitscijfers zijn gedaald, alleen omdat sommige feiten niet meer geregistreerd worden of omdat sommige politiediensten weigeren om nog PV op te stellen van feiten of omdat getroffen burgers de moeite niet meer willen doen om urenlang te wachten voor een aangifte die toch niet opgevolgd wordt en die daarenboven moedeloos geworden zijn bij het vaststellen van de straffeloosheid van de opgepakte criminelen.
7. De zelfgenoegzaamheid van gouverneur Denys over de geboekte “resultaten” en door hem daarbij verklaarde verbetering van de veiligheid, staat in schril kontrast met de verhoging van het aantal zware criminele feiten in zijn provincie. Het is daar, onder andere, op vele plaatsen gemeengoed geworden dat sommige van onze Turkse medeburgers elkaar beschieten met hun illegale wapens om hun conflicten uit te vechten. Wij horen hier ook nooit over vervolgingen voor illegaal wapenbezit.
8. Bovendien is gouverneur Denys zelf niet vies van illegale praktijken bij zijn tegengaan van de toepassing van de nieuwe wapenwet in zijn provincie. Het is inderdaad zo dat de nieuwe wet ingevoerd werd om een uniforme behandeling van de aanvragen op te leggen, hetgeen in de meeste provincies wel degelijk gebeurt. Gouverneur Denys lapt echter de wet aan zijn laars en legt bijzondere illegale voorwaarden op voor de afgifte van vergunningen aan mensen met een legitieme reden omdat hij, om persoonlijke redenen, tegen legaal wapenbezit is.
Is het dan willekeur van een overheidsdienst tegenover eerbare burgers die gouverneur Denys als persoonlijke doelstelling heeft bij zijn ontwapeningsdrang van diezelfde eerbare burgers? Is het dan die willekeur die gouverneur Denys op het oog heeft wanneer hij spreekt over meer “veiligheid”, dit terwijl zijn provincie gebukt gaat onder een grote criminaliteit en onveiligheid?
Is een eerste vereiste voor meer veiligheid eerder niet dat toch ten minste de gouverneur zich aan de wet houdt?
Wanneer een ambtenaar, wat een gouverneur in feite is, zich straffeloos te buiten gaat aan illegale praktijken, wat is de geloofwaardigheid van die overheid dan nog waard?
Meer wapeninfo op www.gunfacts.be en www.daaa-avwl.org.
Since France banned the Islamic headscarf and other religious symbols from all state schools in 2004, the debate it sparked has resurfaced time and again over the last few years. It did so recently, at the end of June, when public schools in Antwerp decided to ban the headscarf from September 2009. Astonishingly public opinion is divided between two simplistic and inadequate positions to which adherents of either camp have pledged their unquestioning allegiance. On the one hand champions of cultural diversity and freedom of expression are aghast and want the ban lifted immediately. As an ardent advocate of freedom in any shape or form, this author has had to repress a natural tendency to join this side of the debate. On the other hand, nationalist preservationists have entered into an uneasy alliance with feminists and proponents of the separation of state and church, in defence of the ban.
On the face of it, it is much easier to sympathise with those who want the ban lifted in favour of freedom of expression; especially since the vast majority of those supporting the ban are blatantly motivated by racist convictions. It is frankly disturbing to witness the desperation with which people cling to their imagined identity and the fear they display towards anyone that does not fit in their narrow-minded conception of the world. However, these observations aside, the human rights aspect of the debate looms large and should not be ignored.
It is a very sorry state of affairs indeed when the powers-that-be start meddling in strictly private affairs such as their citizens' wardrobes. Imagine waking up to the following newspaper headline: “Under a new law designed to prevent sexual harassment in the workplace and in schools, women and girls will longer be allowed to wear mini-skirts or otherwise revealing clothing at work or in schools. Guidelines as to what clothing is deemed acceptable have been published.”
This fictional, but not so far-fetched paragraph would provoke waves of indignation across the “western” world. The vast majority of people would balk at the very idea and fiercely resist this outright infringement on their freedom. And rightly so... Democratic societies are, to a lesser or greater extent (that's an altogether different argument that will not be addressed here), built on freedom of speech and freedom of expression. Many are prepared to defend this hard-earned freedom with tooth and nail. One only has to recall the Danish cartoons controversy back in 2005, when the publishing of a series of unflattering cartoons depicting the prophet Mohammed led to the violent uprising of radical Muslims across the world. In its response to these events, Europe stood (more or less) united in defending the rights of the cartoonist and the publisher to express their views, regardless of religious sensitivities or not. It is, in the humble opinion of this author, of vital importance that no amount of religious clamouring and whining should ever be allowed to result in the adoption of censorship or limited individual freedom.
However, many would argue that the issue of the cartoons and the fictional scenario where a government restricts women's freedom to wear mini-skirts are principally different from the headscarf ban debate. In one crucial aspect - and one only - they are right. Many girls, born into a family of Islamic faith, are simply not given the choice to wear a headscarf or not. Whether they privately renounce their faith (for, in many instances, it can be hazardous to do so openly) or whether they simply choose not to adopt the headscarf, their family will oblige or force them to wear it against their will. This, in itself, constitutes a violation of women's rights and goes against the “western” conception of freedom. An extremely dehumanising example of imposed clothing is the now well-known burqa, covering the women from head to toe, so no part of their bodies are visible to the outside world. More often than not, those who tend towards the individual freedom argument in the headscarf debate, will promptly change allegiance when the burqa is discussed.
But what if the women in question actively, and without interference, choose to wear the headscarf or even the burqa, be their motivation religious or other? Should these women, simply by virtue of the freedom of expression of other women, not be allowed to do so? It is exceedingly hypocritical to employ the freedom angle in order to defend the cartoonist and in defence of the girls who do not want to wear headscarfs, but to consequently abandon these principals when they are no longer suited to one's argument and when it turns out that some women actually want (religious motivation) to wear these items.
The cultural diversity card trumps all when it comes to defending, or tolerating, the indefensible. Criticism and condemnation of abhorrent practices and traditions such as genital mutilation, lapidation and forced marriages (to name but a few), are too often met with an indignant rebuke by the defenders, or perpetrators, of these practices, pointing out that these are matters of cultural sovereignty and not to be meddled with by outsiders. The argument from cultural diversity is devoid of meaning and merely serves the self-interest of certain factions in certain societies as well as that of those who want to perpetuate the cultural zoo of humanity for their entertainment. In the case of the headscarf or the burqa such arguments should equally be dismissed as irrelevant and of no significance in western society where adherence to human rights, the freedoms of speech and expression should at all times take precedence.
This said, both options on the table – 1. an outright ban of headscarfs and 2. a tolerance for headscarfs based on individual freedom – present us with innate difficulties. On the one hand, a ban sets the precedence for more government involvement and the continued restriction of individual liberties, creating more problems than it is actually addressing: Where should government involvement stop? Should the burqa be banned but the headscarf allowed? Should girls wear mini-skirts? Are crucifix pendants acceptable? And who decides what is acceptable or not? On the other hand, what about all these girls that are forced to wear a headscarf or a burqa by their families? What about their individual rights? The government might not be encroaching on their freedom, but their fathers and brothers certainly are... Should society not be protecting them?
Thus, it seems, mutual incompatibility between individual freedom and human rights considerations eliminates the possibility of a satisfying solution to the headscarf debate. Protecting the right of women not to wear certain clothing necessarily comes at the expense of individual liberty, whereas upholding western values of freedom leaves women at the mercy of vengeful and women-hating patriarchs. Are we to conclude that we are forced to choose between “handing over even more freedom to Big Brother” and “allowing women to be treated as second-rate citizens by deluded men who fear emancipated women”?
Thankfully, as it turns out, it is not a choice society has to make. There is another way of approaching the issue at hand. Whereas the choices outlined so far have been between action (a ban) and inaction (no ban), those on the side of individual liberty can drastically alter the argument by proposing a course of action that would go a long way in addressing all the issues at hand as well as an issue that has not been raised yet. It is important to realise that in the long run even a ban will fail to protect those girls who do not want to wear the headscarf, as Muslim families will simply send their children to private, or even Muslim, schools. Besides, after school they remain firmly under the control of their families.
Perhaps the answer lies, not in a compromise, but in a much more fundamental compliance with, and protection of, individual freedom... Rather than inaction and merely rejecting the headscarf ban, proponents of individual liberty should propose a proactive solution of their own. Instead of restricting individuals in their freedom by meddling with their choice of clothing, real help should be available for people who feel they are being thwarted in the pursuit of their own individual liberty. A channel should be provided enabling them to voice their concerns and have them taken seriously. Perhaps a loud and clear message should be sent out that any restriction by any person of any other person's individual liberty will be harshly dealt with and that the powers-that-be will take a determined stand in defence of those who find themselves in need of protection... in the name of freedom.
Dit opiniestuk werd door Arnaud Houdmont ingezonden.
Meer teksten van deze columnist op http://www.entropicbits.com/.
On the face of it, it is much easier to sympathise with those who want the ban lifted in favour of freedom of expression; especially since the vast majority of those supporting the ban are blatantly motivated by racist convictions. It is frankly disturbing to witness the desperation with which people cling to their imagined identity and the fear they display towards anyone that does not fit in their narrow-minded conception of the world. However, these observations aside, the human rights aspect of the debate looms large and should not be ignored.
It is a very sorry state of affairs indeed when the powers-that-be start meddling in strictly private affairs such as their citizens' wardrobes. Imagine waking up to the following newspaper headline: “Under a new law designed to prevent sexual harassment in the workplace and in schools, women and girls will longer be allowed to wear mini-skirts or otherwise revealing clothing at work or in schools. Guidelines as to what clothing is deemed acceptable have been published.”
This fictional, but not so far-fetched paragraph would provoke waves of indignation across the “western” world. The vast majority of people would balk at the very idea and fiercely resist this outright infringement on their freedom. And rightly so... Democratic societies are, to a lesser or greater extent (that's an altogether different argument that will not be addressed here), built on freedom of speech and freedom of expression. Many are prepared to defend this hard-earned freedom with tooth and nail. One only has to recall the Danish cartoons controversy back in 2005, when the publishing of a series of unflattering cartoons depicting the prophet Mohammed led to the violent uprising of radical Muslims across the world. In its response to these events, Europe stood (more or less) united in defending the rights of the cartoonist and the publisher to express their views, regardless of religious sensitivities or not. It is, in the humble opinion of this author, of vital importance that no amount of religious clamouring and whining should ever be allowed to result in the adoption of censorship or limited individual freedom.
However, many would argue that the issue of the cartoons and the fictional scenario where a government restricts women's freedom to wear mini-skirts are principally different from the headscarf ban debate. In one crucial aspect - and one only - they are right. Many girls, born into a family of Islamic faith, are simply not given the choice to wear a headscarf or not. Whether they privately renounce their faith (for, in many instances, it can be hazardous to do so openly) or whether they simply choose not to adopt the headscarf, their family will oblige or force them to wear it against their will. This, in itself, constitutes a violation of women's rights and goes against the “western” conception of freedom. An extremely dehumanising example of imposed clothing is the now well-known burqa, covering the women from head to toe, so no part of their bodies are visible to the outside world. More often than not, those who tend towards the individual freedom argument in the headscarf debate, will promptly change allegiance when the burqa is discussed.
But what if the women in question actively, and without interference, choose to wear the headscarf or even the burqa, be their motivation religious or other? Should these women, simply by virtue of the freedom of expression of other women, not be allowed to do so? It is exceedingly hypocritical to employ the freedom angle in order to defend the cartoonist and in defence of the girls who do not want to wear headscarfs, but to consequently abandon these principals when they are no longer suited to one's argument and when it turns out that some women actually want (religious motivation) to wear these items.
The cultural diversity card trumps all when it comes to defending, or tolerating, the indefensible. Criticism and condemnation of abhorrent practices and traditions such as genital mutilation, lapidation and forced marriages (to name but a few), are too often met with an indignant rebuke by the defenders, or perpetrators, of these practices, pointing out that these are matters of cultural sovereignty and not to be meddled with by outsiders. The argument from cultural diversity is devoid of meaning and merely serves the self-interest of certain factions in certain societies as well as that of those who want to perpetuate the cultural zoo of humanity for their entertainment. In the case of the headscarf or the burqa such arguments should equally be dismissed as irrelevant and of no significance in western society where adherence to human rights, the freedoms of speech and expression should at all times take precedence.
This said, both options on the table – 1. an outright ban of headscarfs and 2. a tolerance for headscarfs based on individual freedom – present us with innate difficulties. On the one hand, a ban sets the precedence for more government involvement and the continued restriction of individual liberties, creating more problems than it is actually addressing: Where should government involvement stop? Should the burqa be banned but the headscarf allowed? Should girls wear mini-skirts? Are crucifix pendants acceptable? And who decides what is acceptable or not? On the other hand, what about all these girls that are forced to wear a headscarf or a burqa by their families? What about their individual rights? The government might not be encroaching on their freedom, but their fathers and brothers certainly are... Should society not be protecting them?
Thus, it seems, mutual incompatibility between individual freedom and human rights considerations eliminates the possibility of a satisfying solution to the headscarf debate. Protecting the right of women not to wear certain clothing necessarily comes at the expense of individual liberty, whereas upholding western values of freedom leaves women at the mercy of vengeful and women-hating patriarchs. Are we to conclude that we are forced to choose between “handing over even more freedom to Big Brother” and “allowing women to be treated as second-rate citizens by deluded men who fear emancipated women”?
Thankfully, as it turns out, it is not a choice society has to make. There is another way of approaching the issue at hand. Whereas the choices outlined so far have been between action (a ban) and inaction (no ban), those on the side of individual liberty can drastically alter the argument by proposing a course of action that would go a long way in addressing all the issues at hand as well as an issue that has not been raised yet. It is important to realise that in the long run even a ban will fail to protect those girls who do not want to wear the headscarf, as Muslim families will simply send their children to private, or even Muslim, schools. Besides, after school they remain firmly under the control of their families.
Perhaps the answer lies, not in a compromise, but in a much more fundamental compliance with, and protection of, individual freedom... Rather than inaction and merely rejecting the headscarf ban, proponents of individual liberty should propose a proactive solution of their own. Instead of restricting individuals in their freedom by meddling with their choice of clothing, real help should be available for people who feel they are being thwarted in the pursuit of their own individual liberty. A channel should be provided enabling them to voice their concerns and have them taken seriously. Perhaps a loud and clear message should be sent out that any restriction by any person of any other person's individual liberty will be harshly dealt with and that the powers-that-be will take a determined stand in defence of those who find themselves in need of protection... in the name of freedom.
Dit opiniestuk werd door Arnaud Houdmont ingezonden.
Meer teksten van deze columnist op http://www.entropicbits.com/.
We schrijven 20 juli 2009, de vooravond van de Belgische nationale feestdag. 178 jaar geleden legde Leopold I zijn eed af als eerste koning der Belgen. Hoewel 'Belgen' als naam enkel verwees naar een Gallische stam die in de tijd van Julius Caesar in wat vandaag Frankrijk is leefde en dus wel een zeer vreemde soortnaam was om het kersverse onafhankelijke 'volk' te benoemen, was dat nog niet eens het meest bizarre. Die eer ging naar het veralgemenen van wat eigenlijk een 'Brabantse' omwenteling was. Noch de bewoners van de Ardennen, noch die van de twee Vlaanderens of Limburg, en al helemaal niet de stedelingen van Gent, Antwerpen en Dendermonde, waren vragende partij voor de 'Belgische' onafhankelijkheid, laat staan dat zij aan de 'revolutie' in Brussel deelgenomen zouden hebben. Het Franstalige zuiden werd al snel gepaaid met een unitaire eentalig-Franse staatsstructuur en zo door het Brabantse kamp meteen gerecupereerd. Het Nederlandstalige noorden werd op zijn beurt 'beloond' voor hun niet-deelname aan de 'Belgische' omwenteling met het statuut van tweederangsburgers. Hadden de Hollanders niet de kapitale fout gemaakt om het eigenzinnige orangistische Antwerpen met kanonnen te beschieten, had deze stad, samen met grote delen van de huidige provincies Antwerpen en Oost-Vlaanderen, tien tegen een voor Nederland gekozen. Voor mij is 21 juli dus ook geen 'feest'-dag.
Belgicisten maken steeds gewag van een vermeende homogeneiteit in ons land, maar zij dwalen. Net zoals Tito in Joegoslavie of Stalin in Sovjet-Rusland werd 'Belgie' gestoeld op het onderdrukken van een welbepaalde bevolkingsgroep, in casu de Nederlandstaligen. Na de gruwelen van Rwanda, Srebrenica of de Holocaust mag het vandaag misschien wansmakelijk klinken om de Franciseringspolitiek in de 19de eeuw als 'etnische zuivering' of 'culturele genocide' af te schilderen, maar in de praktijk kwam het daar wel op neer. Andermaal echter bleek de identiteitsdrang van een bevolkingsgroep te sterk en te buigzaam te zijn om helemaal uitgeroeid te kunnen worden. Net zoals in de voormalige Sovjetrepublieken na de val van het communisme of in de Balkan na de dood van Tito herstelden de oude volksgevoelens en culturele geplogenheden zich razendsnel. Zo ook in Vlaanderen tegen de eeuwwisseling. 'Belgie' had gefaald. Het zou nooit een homogene natiestaat worden. De historische vergissing verwerd tot een 19de-eeuws curiosum. Althans, zo had het moeten geschieden.
Belgie bestaat anno 2009 echter nog steeds. De vorm mag dan al wel drastisch gewijzigd zijn, de 'Belgische' symbolen - Francisering, monarchie, identitair nihilisme - hebben stand gehouden. Vlaanderen is vandaag de dag rijker dan ooit tevoren, Wallonie is enkel nog maar leefbaar op papier. Het federale niveau kan zonder Vlaamse bail-out haar verplichtingen op vlak van de sociale onzekerheid niet meer nakomen en ook de Franse Gemeenschap stevent alweer af op het onvermijdelijke bankroet. Belgie is een contrafederatie geworden die alsmaar verder zal verdampen. Vlaanderen koos in juni duidelijk voor een flamingantere koers en voor het eerst in jaren lijkt de regering die keuze daadwerkelijk in beleid om te gaan zetten. N-VA'er Mark Demesmaeker voorspelde drie jaar geleden dat Belgie nooit haar 200ste verjaardag zou vieren. Hij werd toen uitgelachen, maar enkele politieke crisissen later zijn die criticasters stiller dan ooit. Het einde van Belgie komt nu wel echt in zicht, en ook al vind ik communautaire thema's niet prioritair, ik ben daar zeker niet rouwig om.
Een toestand waarbij een nationaal kader kunstmatig aangehouden wordt dat de fundamentele verschillen tussen noord en zuid nuanceloos van tafel veegt en daardoor wetenschappelijke nonsens wordt, kan gewoon niet lang blijven duren. Als Belgie internationaal wegzakt met alarmerende berichten over een werkloosheid van boven de 10 procent, is dat in mijn ogen irrelevant. Brussel (16%) en Wallonie (12%) zitten tot over hun oren in de problemen, Vlaanderen (4%) veel minder. Als Belgie meer dan een half miljoen vergoede werklozen telt, is dat een goedkoop mistgordijn. Vlaanderen telt er 150,000, Wallonie bijna 200,000. Belgie gaat internationaal af met haar werkzaamheidsgraad van 62% maar Vlaanderen scoort met 67% merkelijk beter dan Wallonie (57%) of Brussel (55%). Belgie scoort als geheel barslecht in de jaarlijkse stresstest van de zakenschool IMD, maar Vlaanderen apart helemaal niet. Ook de conceptie van Belgie als een land van ambtenaren is fout. In Vlaanderen werkt 22% voor de overheid, wat internationaal het gemiddelde is, maar in Wallonie is dat 37%. En ondanks alle mooie praatjes blijft de kloof alsmaar verder groeien. In het laatste kwartaal steeg de werkloosheid in Vlaanderen met 4%, in Wallonie met 8%.
'Belgie', vanwege alle Vlaamse belastingbetalers, een gelukkige verjaardag gewenst! En moge het aub uw laatste zijn.
Meer over de verschillen binnen Belgie op http://www.doorbraak.com/.
Belgicisten maken steeds gewag van een vermeende homogeneiteit in ons land, maar zij dwalen. Net zoals Tito in Joegoslavie of Stalin in Sovjet-Rusland werd 'Belgie' gestoeld op het onderdrukken van een welbepaalde bevolkingsgroep, in casu de Nederlandstaligen. Na de gruwelen van Rwanda, Srebrenica of de Holocaust mag het vandaag misschien wansmakelijk klinken om de Franciseringspolitiek in de 19de eeuw als 'etnische zuivering' of 'culturele genocide' af te schilderen, maar in de praktijk kwam het daar wel op neer. Andermaal echter bleek de identiteitsdrang van een bevolkingsgroep te sterk en te buigzaam te zijn om helemaal uitgeroeid te kunnen worden. Net zoals in de voormalige Sovjetrepublieken na de val van het communisme of in de Balkan na de dood van Tito herstelden de oude volksgevoelens en culturele geplogenheden zich razendsnel. Zo ook in Vlaanderen tegen de eeuwwisseling. 'Belgie' had gefaald. Het zou nooit een homogene natiestaat worden. De historische vergissing verwerd tot een 19de-eeuws curiosum. Althans, zo had het moeten geschieden.
Belgie bestaat anno 2009 echter nog steeds. De vorm mag dan al wel drastisch gewijzigd zijn, de 'Belgische' symbolen - Francisering, monarchie, identitair nihilisme - hebben stand gehouden. Vlaanderen is vandaag de dag rijker dan ooit tevoren, Wallonie is enkel nog maar leefbaar op papier. Het federale niveau kan zonder Vlaamse bail-out haar verplichtingen op vlak van de sociale onzekerheid niet meer nakomen en ook de Franse Gemeenschap stevent alweer af op het onvermijdelijke bankroet. Belgie is een contrafederatie geworden die alsmaar verder zal verdampen. Vlaanderen koos in juni duidelijk voor een flamingantere koers en voor het eerst in jaren lijkt de regering die keuze daadwerkelijk in beleid om te gaan zetten. N-VA'er Mark Demesmaeker voorspelde drie jaar geleden dat Belgie nooit haar 200ste verjaardag zou vieren. Hij werd toen uitgelachen, maar enkele politieke crisissen later zijn die criticasters stiller dan ooit. Het einde van Belgie komt nu wel echt in zicht, en ook al vind ik communautaire thema's niet prioritair, ik ben daar zeker niet rouwig om.
Een toestand waarbij een nationaal kader kunstmatig aangehouden wordt dat de fundamentele verschillen tussen noord en zuid nuanceloos van tafel veegt en daardoor wetenschappelijke nonsens wordt, kan gewoon niet lang blijven duren. Als Belgie internationaal wegzakt met alarmerende berichten over een werkloosheid van boven de 10 procent, is dat in mijn ogen irrelevant. Brussel (16%) en Wallonie (12%) zitten tot over hun oren in de problemen, Vlaanderen (4%) veel minder. Als Belgie meer dan een half miljoen vergoede werklozen telt, is dat een goedkoop mistgordijn. Vlaanderen telt er 150,000, Wallonie bijna 200,000. Belgie gaat internationaal af met haar werkzaamheidsgraad van 62% maar Vlaanderen scoort met 67% merkelijk beter dan Wallonie (57%) of Brussel (55%). Belgie scoort als geheel barslecht in de jaarlijkse stresstest van de zakenschool IMD, maar Vlaanderen apart helemaal niet. Ook de conceptie van Belgie als een land van ambtenaren is fout. In Vlaanderen werkt 22% voor de overheid, wat internationaal het gemiddelde is, maar in Wallonie is dat 37%. En ondanks alle mooie praatjes blijft de kloof alsmaar verder groeien. In het laatste kwartaal steeg de werkloosheid in Vlaanderen met 4%, in Wallonie met 8%.
'Belgie', vanwege alle Vlaamse belastingbetalers, een gelukkige verjaardag gewenst! En moge het aub uw laatste zijn.
Meer over de verschillen binnen Belgie op http://www.doorbraak.com/.
Deze week viel mijn oog in “Flanders Today” op een artikel over een nieuw rapport van de Raad van Europa. Ik was geschokt door de inhoud van dat rapport, en niet alleen omdat ik daarover in de gewone media nauwelijks iets vernomen had, maar vooral door de misplaatste arrogantie van die internationale instelling. Rapporteur Thomas Hammarberg, de mensenrechtencommissaris van de Raad, was andermaal niet mals voor België. Naast traditionele grieven zoals de taalperikelen, ons minderhedenbeleid, de traagheid van onze justitie en bepaalde maatregelen zoals de “Vlaamse Wooncode” waren ditmaal ook ons vreemdelingenbeleid, onze privacywetgeving, de controle van onze ordediensten, onze gebrekkige aanpak van vrouwendiscriminatie, de afwezigheid van ouderlijke gedragsregels voor de opvoeding van hun kroost en de toestand in onze gevangenissen kop van jut.
Op de voorstelling van het rapport vorige week in Brussel mocht die Hammarberg gerust komen verklaren dat het Belgische systeem “in het algemeen” wel adequaat werkt als het op de bescherming van burgerlijke vrijheden en mensenrechten aankomt en dat er eigenlijk maar “een paar” verbeteringen moesten worden doorgevoerd, toch bleek dit gematigd optimisme helemaal niet uit het rapport zelf… Ik ben furieus over dit rapport, en niet omwille van de inhoud, want met het gros van de beschreven kritieken ben ik het grotendeels wel eens. De toestand in onze gevangenissen is inderdaad ondermaats en het leven in onze asielcentra inderdaad niet rooskleurig. Voor dat eerste zou een privatisering tot een duurzame oplossing kunnen leiden, en voor dat tweede hebben we een adequate asielrechtbank nodig die elke vreemdeling binnen de maand van antwoord kan dienen, eventueel gekoppeld aan een wachttijd in het land van herkomst. Of het overwegen van de vrije migratie-optie natuurlijk…
Ook qua bescherming van de privacy van de burgers is België zeker geen gidsland, en al evenmin als het op overheidstransparantie, duidelijk omlijnde terreurwetten of de controle op de ordediensten aankomt. Verder ben ik natuurlijk wel tevreden dat België niet goed scoort als het op positieve discriminatie van vrouwen in de economie aankomt of op vlak van het via wetten verbieden van de “educatieve tik” van ouders. Er zijn waarschijnlijk gezinnen waar dit laatste een probleem kan zijn, maar het zijn in mijn ogen nog steeds de ouders die bepalen hoe hun kinderen opgevoed worden, en niet de overheid. Idem voor de bedrijven die in mijn optiek nog steeds vrij zijn om welbepaalde personen aan te nemen en die een welbepaald loon te betalen volgens hun eigen vrij bepaalde criteria. Ik wil liever geen bureaucraat in elk huis of elk bedrijf.
Het rapport, en de instelling die zoiets publiceert, mag voor mijn part zonder veel tranen of tandengeknars naar de vuilnisbelt van de geschiedenis verbannen worden. België heeft zijn mankementen, en ik ben één van de eerste om dat telkens openlijk toe te geven en aan te kaarten, maar dit geeft nog geen mandaat aan een buitenlandse instelling om ons hier te komen zeggen hoe wij ons boeltje moeten runnen. Ondanks al haar gebreken is België nog steeds een functionerende rechtsstaat en dito democratie, en kunnen onze burgers nog steeds vrij hun mening vormen en deze ventileren. Als een bepaalde praktijk op de Belgen hun maag zou liggen, zullen zij via de geijkte kanalen van hun overheid wel een hervorming daarvan eisen. Zo heeft dat in België - en in alle andere West-Europese landen trouwens - al eeuwenlang gewerkt, en zo zal dat nog eeuwenlang probleemloos blijven werken.
Geen enkele buitenlandse of internationale instelling heeft van mij de bevoegdheid gekregen om in mijn naam mijn overheid te komen bekritiseren. Als ik het met iets niet eens ben, zal ik het zelf wel zeggen. Ik heb daar de Verenigde Naties, de Europese Unie, de Raad van Europa of een andere moreel gecorrumpeerd onderdeel van de éénwereldregering niet voor nodig… Het is in deze zaak dus eigenlijk vooral de inertie van de Belgische politici die mij zorgen baart. In plaats van duidelijk te maken bij de Raad van Europa dat wij hier onze eigen boontjes wel zullen doppen, knikken wij braaf en slikken wij alle interventionistische nonsens van Straatsburg. Jammer dat ik van de voorstelling van dit rapport niet eerder weet had. Het materiaal had anders vorige week klaargestaan om die Hammarberg en zijn hofhouding met pek en veren het land uit te jagen.
Dit opiniestuk verscheen ook op de blog In Flanders Fields.
Meer over deze recente heisa op www.flanderstoday.eu.
Op de voorstelling van het rapport vorige week in Brussel mocht die Hammarberg gerust komen verklaren dat het Belgische systeem “in het algemeen” wel adequaat werkt als het op de bescherming van burgerlijke vrijheden en mensenrechten aankomt en dat er eigenlijk maar “een paar” verbeteringen moesten worden doorgevoerd, toch bleek dit gematigd optimisme helemaal niet uit het rapport zelf… Ik ben furieus over dit rapport, en niet omwille van de inhoud, want met het gros van de beschreven kritieken ben ik het grotendeels wel eens. De toestand in onze gevangenissen is inderdaad ondermaats en het leven in onze asielcentra inderdaad niet rooskleurig. Voor dat eerste zou een privatisering tot een duurzame oplossing kunnen leiden, en voor dat tweede hebben we een adequate asielrechtbank nodig die elke vreemdeling binnen de maand van antwoord kan dienen, eventueel gekoppeld aan een wachttijd in het land van herkomst. Of het overwegen van de vrije migratie-optie natuurlijk…
Ook qua bescherming van de privacy van de burgers is België zeker geen gidsland, en al evenmin als het op overheidstransparantie, duidelijk omlijnde terreurwetten of de controle op de ordediensten aankomt. Verder ben ik natuurlijk wel tevreden dat België niet goed scoort als het op positieve discriminatie van vrouwen in de economie aankomt of op vlak van het via wetten verbieden van de “educatieve tik” van ouders. Er zijn waarschijnlijk gezinnen waar dit laatste een probleem kan zijn, maar het zijn in mijn ogen nog steeds de ouders die bepalen hoe hun kinderen opgevoed worden, en niet de overheid. Idem voor de bedrijven die in mijn optiek nog steeds vrij zijn om welbepaalde personen aan te nemen en die een welbepaald loon te betalen volgens hun eigen vrij bepaalde criteria. Ik wil liever geen bureaucraat in elk huis of elk bedrijf.
Het rapport, en de instelling die zoiets publiceert, mag voor mijn part zonder veel tranen of tandengeknars naar de vuilnisbelt van de geschiedenis verbannen worden. België heeft zijn mankementen, en ik ben één van de eerste om dat telkens openlijk toe te geven en aan te kaarten, maar dit geeft nog geen mandaat aan een buitenlandse instelling om ons hier te komen zeggen hoe wij ons boeltje moeten runnen. Ondanks al haar gebreken is België nog steeds een functionerende rechtsstaat en dito democratie, en kunnen onze burgers nog steeds vrij hun mening vormen en deze ventileren. Als een bepaalde praktijk op de Belgen hun maag zou liggen, zullen zij via de geijkte kanalen van hun overheid wel een hervorming daarvan eisen. Zo heeft dat in België - en in alle andere West-Europese landen trouwens - al eeuwenlang gewerkt, en zo zal dat nog eeuwenlang probleemloos blijven werken.
Geen enkele buitenlandse of internationale instelling heeft van mij de bevoegdheid gekregen om in mijn naam mijn overheid te komen bekritiseren. Als ik het met iets niet eens ben, zal ik het zelf wel zeggen. Ik heb daar de Verenigde Naties, de Europese Unie, de Raad van Europa of een andere moreel gecorrumpeerd onderdeel van de éénwereldregering niet voor nodig… Het is in deze zaak dus eigenlijk vooral de inertie van de Belgische politici die mij zorgen baart. In plaats van duidelijk te maken bij de Raad van Europa dat wij hier onze eigen boontjes wel zullen doppen, knikken wij braaf en slikken wij alle interventionistische nonsens van Straatsburg. Jammer dat ik van de voorstelling van dit rapport niet eerder weet had. Het materiaal had anders vorige week klaargestaan om die Hammarberg en zijn hofhouding met pek en veren het land uit te jagen.
Dit opiniestuk verscheen ook op de blog In Flanders Fields.
Meer over deze recente heisa op www.flanderstoday.eu.
De Vlaamse verkiezingen liggen alweer enkele weken in het verleden en de postjes lijken al terug verdeeld. De N-VA was de grote winnaar, CD&V en SP.A hielden stand of gingen er nog op vooruit, het VB en de VLD kregen rake klappen, de SLP en de PVDA konden geen vuist maken, de UF miste zoals verwacht een tweede zetel en de LDD won wel stemmen, maar verloor fors ten opzichte van de peilingen. Vooral in Antwerpen speelde het Bart De Wever-effect en werd LDD genadeloos afgestraft. Enkel zittend volksvertegenwoordiger Jurgen Verstrepen kon zijn mandaat met vijf jaar verlengen. De Open Vld loste in Antwerpen met uittredend vice-minister-president Dirk Van Mechelen op kop de verwachtingen ook niet in. Annick De Ridder scoorde aardig en uiteindelijk werd het verlies in zetels beperkt, maar meer ook weer niet. Als jonge Antwerpse liberaal kan ik niet tevreden zijn met deze uitslag, en als radicale libertariër al helemaal niet. Ik herken Vlaanderen niet meer. Het corporatisme is terug, de Vlamingen kozen opnieuw voor de status quo. De keuze van N-VA voor SP.A boven VLD bewijst zelfs dit: het kartel is terug, of erger nog, rooms-rood...
Lijst Dedecker leek lange tijd aanspraak te kunnen maken op een mooi aantal zetels in het Vlaams Parlement en wist uiteindelijk wel een uit de kluiten gewassen fractie naar Brussel te sturen, maar toch bleef de grote dijkbreuk uit. Op LVB.net gaf ik deze analyse:
Dit commentaarstuk verscheen ook op de metablog In Flanders Fields en onderdelen werden ook elders op het web overgenomen.
Meer over de Vlaamse verkiezingen op www.wikipedia.org.
Lijst Dedecker leek lange tijd aanspraak te kunnen maken op een mooi aantal zetels in het Vlaams Parlement en wist uiteindelijk wel een uit de kluiten gewassen fractie naar Brussel te sturen, maar toch bleef de grote dijkbreuk uit. Op LVB.net gaf ik deze analyse:
Het opiniestuk van Peter Van Aelst in De Standaard is volgens mij een aanzet tot een juiste analyse.Het spreekt voor zich dat ook de VLD met exact dezelfde taktieken hetzelfde (of zelfs een nog hoger) stempercentage zal kunnen bereiken. De VLD heeft als voordeel haar gigantisch netwerk en de steun van een heus legioen aan stamboomliberalen die niet zomaar van partij veranderen als de wind keert. En ook al had de partij toen ik erbij kwam nog meer dan 100,000 leden en vandaag nog maar iets van een kleine 60,000, toch ben ik er nu wel van overtuigd dat de VLD haar bodem bereikt heeft. Vanaf nu is de enige weg nog maar naar boven. Het schort bij de VLD vooral aan geloofwaardigheid, verkeerde prioriteiten en ideologische verwatering. Wie gelooft een partij nog die in de perceptie van de mensen de laatste tien jaar geen enkele van al haar beloften heeft weten inlossen? Wie heeft nog vertrouwen in een partij die postjes voor de oude garde verkiest boven een beleid die naam waardig? En welke liberaal kan de VLD nog steunen als zijzelf niet meer weet voor welk ideeëngoed zij nog staat. Het was een mede-bestuurslid van de Antwerpse VLD die de koe vorige week bij de horens vatte en onderstaande e-mail naar haar collega's stuurde. Zij staat zeker ook niet alleen met die kritiek.
Hoewel de slechte politieke positionering van LDD volgens mij toch ook een rol speelde.
- Niet uitgesproken liberaal genoeg om Open Vld-kiezers te winnen.
- Niet uitgesproken anti-islam en anti-vreemdelingen genoeg om VB-kiezers te winnen.
- Niet uitgesproken Vlaams genoeg om N-VA-kiezers te winnen.
- Niet genoeg lokale kopstukken om CD&V-stemmers te winnen.
Met de gekende gevolgen in de laatste verkiezingen.
- Zwevende centrumkiezers trokken van Open Vld en SP.A naar CD&V.
- Misnoegde socialisten trokken naar het VB, maar ditmaal ook vooral naar CD&V.
- Gematigde VB-stemmers en misnoegde CD&V-stemmers trokken naar N-VA.
- LDD consolideerde de stemmen van 2007 en won hier en daar wat proteststemmen bij.
- Of LDD in juni ook echt veel Open Vld-kiezers wist te overtuigen, blijft gissen, maar ik denk eigenlijk van niet.
Nog even mijn analyse van Open Vld verduidelijken. Die partij bestaat volgens mij uit de volgende groepen.
- Liberalen die zo verknocht zijn aan de PVV en haar opvolgers VLD en Open Vld dat ze nooit anders zullen stemmen = ongeveer het Open Vld-stemmenaantal in juni 2009.
- Rechtse Vlamingen die na de verruiming naar VLD gekomen zijn = zitten nu bij N-VA en in mindere mate bij CD&V en VB-VLOTT.
- Rechtse liberalen uit de steden = zitten nu bij Vlaams Belang en in Antwerpen bij VLOTT.
- Rechtse liberalen op het platteland = zitten nu bij Lijst Dedecker.
- Volksliberalen en 'hardwerkende mensen' = zitten nu een beetje overal.
Hoe kan Lijst Dedecker in de toekomst beter scoren.
- Inzetten op die volksliberalen en 'hardwerkende mensen', o.a. door lokale verankering en lokale kopstukken.
- Inzetten op de steden en daar VB-VLOTT bekampen, o.a. opnieuw door de lancering van stedelijke kopstukken.
- Inzetten op méér Vlaanderen en zo N-VA bekampen, en misschien ook méér nadruk op het integratievraagstuk leggen.
- Het 'ideologische verraad' van Open Vld (bvb. recent nog met de jobkorting) blijven benadrukken om toch te trachten ook wat stamboomliberalen binnen te halen.
Mijn prognoses voor de toekomst van Lijst Dedecker:
- Blijft LDD een éénmanspartij = 10-15%
- Wordt LDD een échte partij (m.a.w. durft Jean-Marie Dedecker ook échte kopstukken naar voren schuiven en zal hij deze ook naast zich in die hoedanigheid dulden) = 20-25% (met natuurlijk een stille hoop op 30%, het doel dat de oude VLD zich ook ooit stelde).
Met grote teleurstelling zie ik vandaag op het Eén middagjournaal bevestigd wat gisteravond reeds door enkelen werd geopperd : Guy Verhofstadt verklaart dat Open VLD deel wil uitmaken van de coalitie ondanks het feit dat geen enkel – maar dan ook geen enkel – van hun speerpunten in de nota van Kris Peeters werd weerhouden. De aansluitende commentaren van Ivan De Vadder logen er dan ook niet om : ze willen er coûte que coûte bij zijn. Dit is puur macht om de macht c.q. politieke prostitutie en bezorgt mij flashbacks van het notoir migrantenstemrechtcongres met het fameuze “j’y suis, j’y reste” pleidooi van de tandem De Clerq – Verhofstadt, met de gekende desastreuze electorale gevolgen.De VLD is een partij met kritische leden, en dat kan ook haar redding zijn. Met een ideologisch congres in het najaar kan de VLD haar onderbouw opnieuw verstevigen en in de marge daarvan zal misschien een nieuwe partij-elite kunnen opstaan. Sommigen tippen op Bart Tommelein, anderen op Guy Vanhengel of Matthias De Clercq. Persoonlijk vind ik die eerste een lichtgewicht, de tweede een te uitgesproken Brusselaar en Belgicist en de derde een naïeve links-liberaal waar niets met aan te vangen valt. Ik zal dan ook de mogelijke kandidatuur van een Vincent Van Quickenborne of iemand met zijn achtergrond steunen. Maar wie het ook zal halen, change is in the air! Met zo'n nieuwe partijtop kan ook het gebrek aan geloofwaardigheid aangepakt worden, en met vijf jaren Vlaamse oppositie (en na de komende federale verkiezingen ook federaal) in het verschiet en het ontslag van alle cabinettards dat daarmee gepaard gaat, zal de VLD ook opnieuw haar échte prioriteiten kennen: Vlaanderen verbeteren door een liberaal beleid naar voren te schuiven. En met ook een LDD in diezelfde oppositie lik ik nu mijn vingers reeds af voor het vuurwerk dat ongetwijfeld komen gaat.
Derhalve sta ik er bij deze op dat mijn opmerking van gisteravond - als zou de Open VLD nu eindelijk eens de moed moeten hebben op in de oppositie te gaan zitten en een ander het vuile werk te laten doen om te vermijden dat we de volgende keer weer een serieuze slag krijgen toegediend - absoluut in het verslag wordt opgenomen.
En trouwens, waar is de tijd dat er congressen werden bijeengeroepen met alle bestuursleden om DEMOCRATISCH te beslissen of er al dan niet tot deelname aan regeringen werd overgegaan? Als men zich afvraagt waarom onze boodschap niet meer aanslaat, wel dat men dan daarover maar eens brainstormt ... het is dezer dagen zelfs voor een échte liberaal niet gemakkelijk om de partijbeslissingen nog te begrijpen, hoe denkt men dan dat wij anderen nog moeten overtuigen? Wanneer worden eindelijk de bakens eens in de juiste richting verzet?
Dit commentaarstuk verscheen ook op de metablog In Flanders Fields en onderdelen werden ook elders op het web overgenomen.
Meer over de Vlaamse verkiezingen op www.wikipedia.org.
Zware inflatie op komst, Vlaanderen blijft ziende blind
16 Reacties Gepubliceerd door Vincent De RoeckDe adepten van een inflationaire politiek teisterden deze week weer eens onze televisieschermen en onze Vlaamse pers met hun Keynesiaanse paarderemedies tegen de financiële crisis. Eerst kwam Ivan Van De Cloot, hoofdeconoom van het liberale Itinera Institute, de “vastberaden geldschepping” van de FED (en de ECB) nog eens goedkeuren en aanprijzen. De hyperinflatie die daaruit onvermijdelijk moet volgen lacht hij gewoon weg. De nooit eerder vertoonde verdubbeling van de Amerikaanse geldbasis in minder dan één jaar wordt gecompenseerd door de lage omloopsnelheid van het geld zo merkt Van De Cloot op, en zodra de omloopsnelheid ook maar even aantrekt dan kan de FED liquiditeiten uit de markt trekken door massaal obligaties uit te geven. We zullen zien, zei de blinde.
Van De Cloot vergeet daarbij te zeggen dat de FED tegen die tijd nauwelijks nog iets koopwaardigs op zijn balans zal hebben, en enkel nog junk bonds en toxic assets zal kunnen aanbieden. Die raak je nu al aan de straatstenen niet meer kwijt, laat staan als straks de rente nog wat aantrekt. Ben Bernanke heeft met zijn ongebreidelde geldschepping eigenhandig de FED schaakmat gezet in de strijd tegen inflatie, en zal straks machteloos moeten toezien hoe mensen in steeds sneller tempo zullen vluchten uit de alsmaar rapper ontwaardende papieren dollars op zoek naar harde activa.
Halverwege de week deed prof. De Grauwe van de K.U. Leuven er nog een schep bovenop en herhaalde nog eens zijn Keynesiaans pleidooi voor "deficit spending". Volgens De Grauwe kunnen we alleen uit deze schuldencrisis geraken als onze overheid nog méér collectieve schulden bijmaakt. De professor erkende daarbij zelfs volmondig dat zulk een politiek een doodlopend straatje is. Dergelijke schuldopbouw kan inderdaad niet duurzaam zijn en moet onherroepelijk uitdraaien op een lagere rating van onze staatsschuld met sterk oplopende rente en uiteindelijk wellicht de catastrofale insolvabiliteit van onze staat tot gevolg. België kreeg deze week trouwens zijn begroting met een zwaar onvoldoende terug van Europa. Het is de zoveelste aanwijzing hoe slecht het nu al met onze publieke financiën is gesteld, en dit nog voordat onze nieuwe regionale regeringen met deficit spending is beginnen te potverteren. De reden waarom De Grauwe nu al maanden pleit voor nieuwe staatsschulden, is dat we "anders in een deflatoire spiraal terecht zouden kunnen komen." Zolang we feesten voelen we de kater nog niet schijnt De Grauwe kortzichtig te denken. Hoe deze professor nog onder de huidige generatie studenten durft te verschijnen die al die schulden zullen moeten afbetalen is mij een raadsel. Vooral omdat zo’n roekeloze schuldopbouw het uiteindelijk ook moeilijker maakt om uit de crisis te raken. Daar kunnen ze in IJsland, Argentinië, Zimbabwe of zelfs California over meespreken.
"We hebben dringend slimme investingen nodig" voegen de Vlaamse regerings- onderhandelaars daar in koor aan toe. We moeten nu toch niet krenterig gaan doen met slimme investeringen zeker? Wie het lange palmares kent van geniale commerciële successen die onze politieke klasse vroeger boekte houdt zijn hart al vast. Denken we maar aan de geldverslidende perikelen rond Sabena, ABX, de Pakjesdienst, Ethias, Dexia, DeLijn, aan het biodieselproject, de peperdure, vervuilende en lelijke zonnepanelen, aan de financietoren en de futuristische justitiepaleizen, aan de nooit ophoudende subsidies voor dat 19e eeuwse vervoermiddel van "den ijzerweg", aan de subsidiering van bodemloze koolputten en hopeloos verouderde staalovens... Twintig jaar later zijn we met zijn allen nog altijd aan het afbetalen aan de "slimme investeringen" van de vorige generatie politici. Politici verwarren nu eenmaal graag het algemeen belang met hun (politiek of soms zelfs financiëel) eigenbelang, s'lands welvaart met lokale grilletjes van hun kiesvee, of rendabiliteit van een investering met wat volgens hun spindokters politiek juist even gevoeligst ligt.
De overheid moet haar handen afhouden van de economie. Er is niet één taak die de overheid efficiënter kan volbrengen dan de privésector. Publieke organisaties werken ondoelmatig door hun veel te lompe en centralistische bureaucratie. Zij missen bovendien de kennis, traditie en vooral de motivatie tot efficiency, en maken overheidsbemoeienissen in spontante sociale en economische processen tot een dure en overbodige complicatie. Staatsinterventies zijn daarom kostprijsverhogend. Ze verstoren de optimale aanwending van productiemiddelen met massale verkwisting en welvaartsverlies voor gevolg. Wie op zoek is naar een strategie om straks niet al zijn spaarcenten kwijt te spelen in de onafweldbare inflatiegolf die uit die Keynesiaanse politiek zal volgen kan maar beter te rade bij de economisten van de Oostenrijkse School. Alleen zij lijken nog te beseffen dat deflatie een onvermijdelijke en heilzame etappe is in het duurzaam herstel en dat de nominale prijsdalingen daarbij de reële koopkracht alleen maar herstellen. Jammer dat de gevestigde orde voor die ideeën ziende blind blijft.
Dit artikel van Paul Vreymans werd via e-mail ingezonden.
Meer teksten van deze econoom op www.workforall.net.
Van De Cloot vergeet daarbij te zeggen dat de FED tegen die tijd nauwelijks nog iets koopwaardigs op zijn balans zal hebben, en enkel nog junk bonds en toxic assets zal kunnen aanbieden. Die raak je nu al aan de straatstenen niet meer kwijt, laat staan als straks de rente nog wat aantrekt. Ben Bernanke heeft met zijn ongebreidelde geldschepping eigenhandig de FED schaakmat gezet in de strijd tegen inflatie, en zal straks machteloos moeten toezien hoe mensen in steeds sneller tempo zullen vluchten uit de alsmaar rapper ontwaardende papieren dollars op zoek naar harde activa.
Halverwege de week deed prof. De Grauwe van de K.U. Leuven er nog een schep bovenop en herhaalde nog eens zijn Keynesiaans pleidooi voor "deficit spending". Volgens De Grauwe kunnen we alleen uit deze schuldencrisis geraken als onze overheid nog méér collectieve schulden bijmaakt. De professor erkende daarbij zelfs volmondig dat zulk een politiek een doodlopend straatje is. Dergelijke schuldopbouw kan inderdaad niet duurzaam zijn en moet onherroepelijk uitdraaien op een lagere rating van onze staatsschuld met sterk oplopende rente en uiteindelijk wellicht de catastrofale insolvabiliteit van onze staat tot gevolg. België kreeg deze week trouwens zijn begroting met een zwaar onvoldoende terug van Europa. Het is de zoveelste aanwijzing hoe slecht het nu al met onze publieke financiën is gesteld, en dit nog voordat onze nieuwe regionale regeringen met deficit spending is beginnen te potverteren. De reden waarom De Grauwe nu al maanden pleit voor nieuwe staatsschulden, is dat we "anders in een deflatoire spiraal terecht zouden kunnen komen." Zolang we feesten voelen we de kater nog niet schijnt De Grauwe kortzichtig te denken. Hoe deze professor nog onder de huidige generatie studenten durft te verschijnen die al die schulden zullen moeten afbetalen is mij een raadsel. Vooral omdat zo’n roekeloze schuldopbouw het uiteindelijk ook moeilijker maakt om uit de crisis te raken. Daar kunnen ze in IJsland, Argentinië, Zimbabwe of zelfs California over meespreken.
"We hebben dringend slimme investingen nodig" voegen de Vlaamse regerings- onderhandelaars daar in koor aan toe. We moeten nu toch niet krenterig gaan doen met slimme investeringen zeker? Wie het lange palmares kent van geniale commerciële successen die onze politieke klasse vroeger boekte houdt zijn hart al vast. Denken we maar aan de geldverslidende perikelen rond Sabena, ABX, de Pakjesdienst, Ethias, Dexia, DeLijn, aan het biodieselproject, de peperdure, vervuilende en lelijke zonnepanelen, aan de financietoren en de futuristische justitiepaleizen, aan de nooit ophoudende subsidies voor dat 19e eeuwse vervoermiddel van "den ijzerweg", aan de subsidiering van bodemloze koolputten en hopeloos verouderde staalovens... Twintig jaar later zijn we met zijn allen nog altijd aan het afbetalen aan de "slimme investeringen" van de vorige generatie politici. Politici verwarren nu eenmaal graag het algemeen belang met hun (politiek of soms zelfs financiëel) eigenbelang, s'lands welvaart met lokale grilletjes van hun kiesvee, of rendabiliteit van een investering met wat volgens hun spindokters politiek juist even gevoeligst ligt.
De overheid moet haar handen afhouden van de economie. Er is niet één taak die de overheid efficiënter kan volbrengen dan de privésector. Publieke organisaties werken ondoelmatig door hun veel te lompe en centralistische bureaucratie. Zij missen bovendien de kennis, traditie en vooral de motivatie tot efficiency, en maken overheidsbemoeienissen in spontante sociale en economische processen tot een dure en overbodige complicatie. Staatsinterventies zijn daarom kostprijsverhogend. Ze verstoren de optimale aanwending van productiemiddelen met massale verkwisting en welvaartsverlies voor gevolg. Wie op zoek is naar een strategie om straks niet al zijn spaarcenten kwijt te spelen in de onafweldbare inflatiegolf die uit die Keynesiaanse politiek zal volgen kan maar beter te rade bij de economisten van de Oostenrijkse School. Alleen zij lijken nog te beseffen dat deflatie een onvermijdelijke en heilzame etappe is in het duurzaam herstel en dat de nominale prijsdalingen daarbij de reële koopkracht alleen maar herstellen. Jammer dat de gevestigde orde voor die ideeën ziende blind blijft.
Dit artikel van Paul Vreymans werd via e-mail ingezonden.
Meer teksten van deze econoom op www.workforall.net.
De resultaten zijn binnen. We hebben gefaald. Zowel voor liberalen als voor Eurosceptici was het gisteren een zwarte dag. Samen halen Lijst Dedecker en Open Vld net geen 30 zetels in het Vlaams Parlement, wat zonder meer een historisch record zou zijn voor het liberalisme in Vlaanderen, maar toch blijven beide met een wrang gevoel achter. De verwachte LDD-dijkbreuk bleef uit. In de peilingen piekte Jean-Marie Dedecker op 12%, maar uiteindelijk moest hij zich met minder dan 8% tevreden stellen. Bij Open Vld was de vernedering nog groter. Zij scoorden niet enkel slechter dan de peilingen maar ook veel slechter dan vijf jaar geleden. Bart Somers heeft zijn ontslag als partijvoorzitter reeds aangeboden. N-VA verbaasde vriend en vijand met haar monsterscore, net als de CD&V. De resultaten van GROEN en SP.A lagen in de lijn van de verwachtingen en ook het UF kon haar zetel opnieuw veilig stellen. SLP haalde nergens de kiesdrempel en het Vlaams Belang werd letterlijk gedecimeerd. In mijn ogen zijn er nu drie opties voor de volgende Vlaamse regering: CD&V-NVA-Open Vld, CD&V-NVA-SP.A of CD&V-SP.A-Open Vld. Uit schuldgevoel bij de Tsjeven sluit ik die derde optie eigenlijk wel uit. Het "Vlaams Kartel" zal gewoon van onder het stof gehaald worden, zij het dan in een licht andere vorm. Vlaanderen heeft mij gisteren teleurgesteld.
Op Europees vlak is het zowaar nog erger. Daar haalden niet enkel neo-nazi's in Hongarije (Jobbik, 3 EP-leden), Italië (Fuerza Nova, 1 EP-lid), Bulgarije (Ataka, 2 EP-leden), Roemenië (Romania Mare, 2 EP-leden) en Groot-Brittannië (BNP, 2 EP-leden) zetels, maar konden ook de groenen en links-extremisten hun zetelaantal op peil houden. De socialisten werden op Europees niveau wel afgestraft, maar de christendemocraten konden hun favorietenrol waar maken. Zij behouden evenveel zetels in het EP dan in de vorige legislatuur en dit ondanks een drastische vermindering van het totale aantal EP-zetels. De liberalen klokken af op 84 zetels, komende van meer dan 100. Libertas haalt de door mij vooropgestelde 10 zetels niet, en dat is een blamage. Zelfs Declan Ganley zal waarschijnlijk niet verkozen geraken in Ierland. Mijn vrienden van UKIP deden het dan weer wel schitterend in het Verenigd Koninkrijk. Daar haalden zij net geen 18% van de stemmen en mogen zij nog meer EP-leden naar Brussel afvaardigen dan de 12 van 2004. In het Verenigd Koninkrijk werd Labour afgestraft en konden de Tories met 27% van de stemmen hun toppositie in de peilingen verzilveren. Ex-Belg en ex-LVSV'er Jean-Paul Floru geraakte evenwel niet verkozen voor de Tories in Londen.
In het Europees Parlement betekent dit dat de nieuwe fractie rond de Britse Tories, de Poolse PIS en de Tsjechische ODS meer dan 70 EP-zetels zal bezetten in het Europees Parlement, toch wel 30 minder dan de door William Hague vooropgestelde 100 zetels. Verder zal de "Independence/Democracy"-fractie rond UKIP terugvallen naar 19 zetels, acht te weinig om te kunnen blijven bestaan, en de "Union for a Europe of the Nations" zal tot 35 zetels herleid worden. In de wandelgangen suggereert men al langer dat IND/DEM en UEN misschien zouden fuseren, waarbij de gematigdere leden van de UEN de nieuwe Tory-fractie "European Conservatives and Reformists" zouden gaan vervoegen. In dat geval kan de Tory-groep de kaap van de 80 zetels ronden en kan er een nog meer uitgesproken Eurosceptische fractie ter rechterzijde van ECR gevormd worden. Of "vuil" extreem-rechts ook een eigen fractie zal oprichten is nog onduidelijk. Maar alleszins is een gemiddelde opkomst van 43% een absolute schande, en ook al hebben de Eurosceptici niet hun ultieme doorbraak in aantal zetels gekend, toch is zo'n abominabele opkomst misschien wel de duidelijkste motie van wantrouwen tegen de Europese Unie... Hieronder geef ik jullie nog enkele videoclipjes mee die uw dienaar onlangs gemaakt heeft voor de Libertas-campagne.
"Spot the odd one out"
"It’s evening again in Europe"
"Off with your money"
"Back in the EUSSR"
"Democracy at work"
"Internetspot Libertas-Nederland"
Dit commentaarstuk verscheen ook op de blog In Flanders Fields.
Meer over de voorbije Libertas-campagne op www.libertas.eu.
Op Europees vlak is het zowaar nog erger. Daar haalden niet enkel neo-nazi's in Hongarije (Jobbik, 3 EP-leden), Italië (Fuerza Nova, 1 EP-lid), Bulgarije (Ataka, 2 EP-leden), Roemenië (Romania Mare, 2 EP-leden) en Groot-Brittannië (BNP, 2 EP-leden) zetels, maar konden ook de groenen en links-extremisten hun zetelaantal op peil houden. De socialisten werden op Europees niveau wel afgestraft, maar de christendemocraten konden hun favorietenrol waar maken. Zij behouden evenveel zetels in het EP dan in de vorige legislatuur en dit ondanks een drastische vermindering van het totale aantal EP-zetels. De liberalen klokken af op 84 zetels, komende van meer dan 100. Libertas haalt de door mij vooropgestelde 10 zetels niet, en dat is een blamage. Zelfs Declan Ganley zal waarschijnlijk niet verkozen geraken in Ierland. Mijn vrienden van UKIP deden het dan weer wel schitterend in het Verenigd Koninkrijk. Daar haalden zij net geen 18% van de stemmen en mogen zij nog meer EP-leden naar Brussel afvaardigen dan de 12 van 2004. In het Verenigd Koninkrijk werd Labour afgestraft en konden de Tories met 27% van de stemmen hun toppositie in de peilingen verzilveren. Ex-Belg en ex-LVSV'er Jean-Paul Floru geraakte evenwel niet verkozen voor de Tories in Londen.
In het Europees Parlement betekent dit dat de nieuwe fractie rond de Britse Tories, de Poolse PIS en de Tsjechische ODS meer dan 70 EP-zetels zal bezetten in het Europees Parlement, toch wel 30 minder dan de door William Hague vooropgestelde 100 zetels. Verder zal de "Independence/Democracy"-fractie rond UKIP terugvallen naar 19 zetels, acht te weinig om te kunnen blijven bestaan, en de "Union for a Europe of the Nations" zal tot 35 zetels herleid worden. In de wandelgangen suggereert men al langer dat IND/DEM en UEN misschien zouden fuseren, waarbij de gematigdere leden van de UEN de nieuwe Tory-fractie "European Conservatives and Reformists" zouden gaan vervoegen. In dat geval kan de Tory-groep de kaap van de 80 zetels ronden en kan er een nog meer uitgesproken Eurosceptische fractie ter rechterzijde van ECR gevormd worden. Of "vuil" extreem-rechts ook een eigen fractie zal oprichten is nog onduidelijk. Maar alleszins is een gemiddelde opkomst van 43% een absolute schande, en ook al hebben de Eurosceptici niet hun ultieme doorbraak in aantal zetels gekend, toch is zo'n abominabele opkomst misschien wel de duidelijkste motie van wantrouwen tegen de Europese Unie... Hieronder geef ik jullie nog enkele videoclipjes mee die uw dienaar onlangs gemaakt heeft voor de Libertas-campagne.
"Spot the odd one out"
"It’s evening again in Europe"
"Off with your money"
"Back in the EUSSR"
"Democracy at work"
"Internetspot Libertas-Nederland"
Dit commentaarstuk verscheen ook op de blog In Flanders Fields.
Meer over de voorbije Libertas-campagne op www.libertas.eu.
Abonneren op:
Posts (Atom)






